Wat is de betekenis van Vrijhandel?

2019
2021-12-05
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

vrijhandel

vrijhandel - Zelfstandignaamwoord 1. (handel) vrije handel Woordherkomst samenstelling van vrij en handel

Lees verder
2018
2021-12-05
Algemene economische basisprincipes

Algemene economische basisprincipes

Vrijhandel

De afwezigheid van handelsbelemmeringen tussen landen.

1996
2021-12-05
Liek Mulder

Auteur van o.a. Historische gids van de 20e eeuw (Uitgave 1996)

Vrijhandel

Een vrije handel; handel zonder belemmeringen, zoals in- en uitvoerrechten. In- en uitvoerrechten of andere protectionistische maatregelen belemmeren de wereldhandel. Vooral voorstanders van de vrije-markteconomie pleiten daarom voor vrijhandel, omdat daarmee in hun ogen de economische groei het best wordt gediend. Vrijhandel is het aantrekkelijkst...

Lees verder
1993
2021-12-05
NIMA

Nima marketing lexicon

Vrijhandel

Handelspolitiek waarbij de internationale handel volledig bepaald wordt door vraag en aanbod.

1981
2021-12-05
Zelfstudie

Encyclopedie voor Zelfstudie

vrijhandel

de handel die niet door maatregelen van overheidswege wordt belemmerd of beperkt. De voorstanders van vrijhandel verwachten daarvan de volgende voordelen: de internationale arbeidsverdeling wordt erdoor bevorderd, de concurrentie met het buitenland werkt stimulerend, de afzetgebieden worden groter, de goederen worden voor de verbruikers goedkoper e...

Lees verder
1973
2021-12-05
Oosthoek Encyclopedie

Nederlandse encyclopedie

vrijhandel

m., economisch stelsel waarbij de overheid zich onthoudt van iedere inmenging in het economisch verkeer met het buitenland.

1952
2021-12-05
Frysk Wurdboek

Friesch woordenboek

Vrijhandel

s., frijhannel.

1950
2021-12-05
Groot woordenboek der Nederlandse taal - 1950

Nederlands woordenboek (7e druk)

Vrijhandel

m., (anglic.) vrije handel, handel vrij van alle belemmeringen, inz. van in- en uitvoerrechten.

1949
2021-12-05
De Kleine Winkler Prins

Kleine Winkler Prins van A-Z

Vrijhandel

het vrij laten van de handel met het buitenland. De V. maakt dus geen gebruik van beschermende rechten, contingenteringen, invoerverboden. De theorie van de V. is gebaseerd op1. internationale arbeidsverdeling (ieder land moet zich bezighouden met die vormen van productie, waarvoor het het meest geschikt is) en 2. het verband tussen in- en uitvoer...

Lees verder
1940
2021-12-05
Economische encyclopedie 1940

Economische encyclopedie (1940), samengesteld door D.C. van der Poel. Gepubliceerd door Uitgeversmaatschappij W. de Haan N.V. Utrecht.

Vrijhandel

zie: Handelspolitiek.

1937
2021-12-05
Koenen

M. J. Koenen's Verklarend handwoordenboek

vrijhandel

m.; handelsverkeer zonder inkomende of uitgaande rechten.

1933
2021-12-05
Iedereen

Encyclopedie voor Iedereen

Vrijhandel

→ Bescherming.

1933
2021-12-05
Katholieke Encyclopaedie

25 delen, uitgegeven 1933-1939. Uitgeverij Joost van den Vondel te Amsterdam.

Vrijhandel

noemt men die verhouding tusschen staten, waarbij t.a.v. in- en uitvoer van goederen en/of kapitalen geen belemmerende bepalingen zijn gemaakt. Zulks in tegenstelling met →bescherming, waarbij dit wel het geval is.

1928
2021-12-05
Wat is dat?

Wat is dat? Encyclopedie voor jongeren (1938).

Vrijhandel

In den loop der eeuwen heeft er steeds verschil van mening bestaan over de kwestie, of de overheid zich met handel en nijverheid moet inlaten of niet. Terwijl na de 14de eeuw eerst het protectionisme (bescherming van den binnenlandsen handel van overheidswege) de overhand had en ieder dit vanzelfsprekend vond, ontstond tegen het einde van de 18de e...

Lees verder
1916
2021-12-05
Oosthoek 1916

Nederlandse encyclopedie, uitgegeven van 1916-1925.

Vrijhandel

Vrijhandel - (Eng. freetrade) Zeer verschillend wordt gedacht over de vraag, of de handel zoo veel mogelijk moet worden vrijgelaten of dat deze in zijn vrijheid moet worden beperkt om de binnenlandsche voortbrenging voor mededinging van het buitenland te beschermen, in het bijzonder door de heffing van hooge invoerrechten. Velen, die bescherming we...

Lees verder
1910
2021-12-05
Handelslexicon

Handelslexicon (1910) door J. Hagers

Vrijhandel

Vrijhandel - Cunninggam, W., The case against free trade. Crown Murray. 2 sh. 6 d. net. — Lujo, B., Das Freihandelsargument. Buchverlag der „Hilfe” M —.75. — Laar, A. R. van de. Export en volksgroei. In De Klaroen, jg. 2 (1910), bl. 359-373. Vrijhandel of bescherming. — Treub, M. W. F. Vrijhandel en bescherm, v. Nederl. f 1.25.

Lees verder
1898
2021-12-05
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

VRIJHANDEL

VRIJHANDEL - m. handel vrij van alle belemmeringen, inz. van alle in- en uitvoerrechten.