Wat is de betekenis van Vraag?

2024-02-25
Nederlandstalige WikiWoordenboek

Wiktionary (2019)

vraag

vraag - Zelfstandignaamwoord 1. een verzoek (om inlichting) Hij stelde zijn leerkracht een vraag. 2. probleem, kwestie, vraagstuk 3. (economie) een behoefte aan goederen In Nederland is er veel vraag naar brandstof, net als in de rest van de wereld....

2024-02-25
Muiswerk Educatief

Muiswerk Educatief (2017)

vraag

vraag - zelfstandig naamwoord 1. wat je zegt om iets te krijgen ♢ de leraar stelde een moeilijke vraag 1. dat is nog de vraag [dat is nog onzeker] 2. vragen afvuren ...

2024-02-25
Vlaams-Nederlands woordenboek

Peter Bakema (2003)

vraag

- in vraag stellen, betwijfelen, in twijfel trekken of betwisten, ter discussie stellen. Bij ons wordt geen enkele job in vraag gesteld. Integendeel, we hebben nu meer vraag dan normaal voor onze producten en laten daarom een deel van het werk doen in onze vestiging in Polen. - BvL, 10-12-2002. - zich de vraag stellen, zich vragen...

2024-02-25
NIMA marketing lexicon

NIMA (1993)

vraag

In marketing: Behoefte aan en het verlangen naar specifieke producten of merken van een groep afnemers tot uitdrukking komend in de wens en de mogelijkheid dat product of merk te kopen.

Wil je toegang tot alle 19 resultaten?

Ja, ik word vriend van Ensie!
2024-02-25
Begrippenlijst kernpunten van de economie

Redactie Ensie (1990)

Vraag

Om in onze behoeften te voorzien moeten we voortdurend goederen en diensten aanschaffen. In de economie wordt gezegd dat er een vraag naar goederen wordt uitgeoefend. Er wordt onderscheid gemaakt tussen de individuele en collectieve vraag. Factoren die van invloed zijn op de gevraagde hoeveelheid goederen, zijn: - het behoeftenschema van de consu...

2024-02-25
Logistieke begrippenlijst

ir. M.E.A. Striekwold (1990)

Vraag

vraag verwijst naar de totale hoeveelheid van een bepaald goed of een bepaalde dienst die in een bepaalde periode door zijn afnemers wordt gevraagd.

2024-02-25
Zuidnederlands Woordenboek

Walter De Clerck (1981)

vraag

In de verb. in vraag stellen, (germ.) ter discussie stellen, betwisten; in twijfel trekken, betwijfelen; ook: aan de orde stellen; - zich de vraag stellen, (gall.) zich afvragen. De zekerheid van betrekking wordt soms eensklaps in vraag gesteld, Vrouw en Wereld nov. 1976, p. 14. Vele jongeren ... zijn de waarde van dat „...

2024-02-25
Germanismen in het Nederlands

Dr. S. Theissen (1978)

Vraag

In de zin van ‘probleem', bijv. in ‘de vragen van de dag’ is vraag een vrij jong woord, dat men vanaf de jaren ’50 slechts in 3 woordenboeken vindt. Volgens Van Dale is het een germanisme (D. ‘die Fragen des Tages'). Ook het WNT wijst op de Duitse afkomst van deze betekenis. Slechts Jansonius vermeldt het zon...

2024-02-25
Zuid-afrikaans woordenboek

H.J. Terblanche - M.A., D. Litt

vraag

vrae, versoek; kwessie; ondervraging; aanvraag.

2024-02-25
Frysk Wurdboek (Friesch woordenboek)

Fa. A.J. Osinga (1952)

Vraag

s., fraech, frage; er is veelnaar, it is (krekt as ’t) roversguod; er is weinigmeer naar, de merk is derôf.

2024-02-25
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Van Dale Uitgevers (1950)

Vraag

v. (vragen), 1. het vragen ; inz. het vragen naar, het verlangen : er is veel vraag naar ; verlangen om te kopen: vraag en aanbod ; de vraag is bepalend voor de omvang en de richting van de productie ; 2.handeling van vragen ; het richten van woorden tot iem. en de woorden die men tot hem richt om iets van hem te weten te komen, alth...

2024-02-25
Economische encyclopedie

D.C. van der Poel (1940)

Vraag

is de hoeveelheid goederen, die bg een gegeven prijs en gegeven andere omstandigheden kan worden verkocht. In een maatschappij, waarin vrgwel alle goederen eerst via het ruilverkeer een behoefte kunnen bevredigen, kan deze laatste slechts als koopkrachtige V. tot gelding komen, en is anderzijds V. voorwaarde tot realisatie van het geproduceerde. In...

2024-02-25
Verklarend handwoordenboek der Nederlandse taal

M. J. Koenen's (1937)

vraag

v., in bet. 1, 2 en 5 vragen: 1. ondervraging: het antwoord moet op de vraag passen; iem. één vraag, vragen doen, stellen; 2. deel van een (catechismus)les: hoeveel vragen moet ge leren? 3. zaak, die nog uitgemaakt moet worden, die niet zeker is: het is (nog) de vraag, of; de vraag doet zich voor, of; 4. handel: kooplust voor een bepa...

2024-02-25
Encyclopedie voor Iedereen

John Kooy (1933)

Vraag

staat i/d handelsbeweging tegenover het aanbod, regelt dit en wordt er door geregeld. De verhouding tusschen v. en aanbod bepaalt v/e deel den → markt → prijs.

2024-02-25
Modern Woordenboek

Jozef Verschueren (1930)

vraag

(vra:ch) v. (vragen; -je) I. .Eig. 1. iets dat gevraagd wordt en waarop een antwoord moet gegeven worden : een — stellen, doen; een — beantwoorden; een — brandde mij op de lippen, ik werd hevig geprikkeld om die vraag te stellen. 2. Uitbr. vraag en antwoord: drie vragen van zijn katechismus leren. II. Metn. van I1 Taalk. zin waa...

2024-02-25
Oosthoek Encyclopedie

Oosthoek's Uitgevers Mij. N.V (1916-1925)

Vraag

v./m. (vragen), 1. mondelinge of schriftelijke taaluiting waarop een weerwoord verwacht wordt, ter informatie, bevestiging of ontkenning: een beleefde, een impertinente (onbeschaamde) vraag; in de Kamer werden er vragen over gesteld; op die vraag moet ik het antwoord schuldig blijven, die kan ik niet beantwoorden; voor jou een vraag, voor mij een w...

2024-02-25
Handelslexicon

J. Hagers (1910)

Vraag

Vraag - in den handel een uitdrukking om de gesteldheid der markt, meer bijzonder voor een of ander artikel aan te duiden.

2024-02-25
Groot woordenboek der Nederlandsche taal

J.H. van Dale (1898)

VRAAG

VRAAG - v. (vragen), ondervraging, iets waarop een antwoord moet gegeven worden; iem. eene vraag doen; vragen stellen; vragen beantwoorden; op die vraag moet ik het antwoord schuldig blijven, dat kan ik niet beantwoorden; — dat is de vraag niet, daarover handelt het hier niet; — het isnog de vraag, of..., het is onzeker; —-vragen...

2024-02-25
Nieuw woordenboek der Nederlandsche taal

I.M. Calisch (1864)

Vraag

Vraag, v. (vragen), ondervraging; iets waarop een antwoord moet gegeven worden; het is nog de - (onzeker) of...; (kooph.) er is veel - (navraag) naar dat artikel, het wordt zeer gezocht. *-ACHTIG, bn. (-er, -st), nieuwsgierig. *-AL, m. en v. (-len), nieuwsgierig -, weetgierig mensch. *-BAAK, v. (...aken), bus waarin men geschreven vragen steekt;...