Wat is de betekenis van vorstelijk?

2019
2021-10-25
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

vorstelijk

vorstelijk - Bijvoeglijk naamwoord 1. zoals hoort bij een koning, royaal, groots, rijkelijk De direkteur kreeg een vorstelijke belonging voor zijn werk. De bediende wil de alleen maar buigen voor vorstelijke personen. Woordherkomst afge...

Lees verder
2018
2021-10-25
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

vorstelijk

vorstelijk - bijvoeglijk naamwoord uitspraak: vor-ste-lijk 1. van of als een vorst, een koning ♢ Willem Alexander woont in een vorstelijk buitenverblijf 1. een vorstelijk geschenk [heel mooi en duu...

Lees verder
1973
2021-10-25
Oosthoek Encyclopedie

Nederlandse encyclopedie

vorstelijk

bn. en bw. (-er, -st), van, als van of als een vorst: het — paleis; iemand — onthalen, prachtig, heerlijk; —betalen, zeer ruim; je zit daar —, heerlijk.

1952
2021-10-25
Frysk Wurdboek

Friesch woordenboek

Vorstelijk

adj. & adv., foarstlik, prinslik.

1950
2021-10-25
Groot woordenboek der Nederlandse taal - 1950

Nederlands woordenboek (7e druk)

Vorstelijk

bn. bw. (-er, -st),, van, als van of als een vorst: het vorstelijk paleis; vorstelijk leven ; iem. vorstelijk onthalen, prachtig, heerlijk ; een vorstelijke gift. een zeer grote ; vorstelijk betalen, zeer ruim.

1898
2021-10-25
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

VORSTELIJK

VORSTELIJK - bn. bw. (-er, -st), van een vorst: het vorstelijk paleis ; als een vorst: vorstelijk leven; iem. vorstelijk ontvangen, prachtig, heerlijk; vorstelijk betalen, ruim.