Wat is de betekenis van voormiddag?

2020
2022-10-02
Algemeen Nederlands Woordenboek

Digitaal woordenboek van eigentijdse Nederlands

voormiddag

Het begrip voormiddag heeft 2 verschillende betekenissen: 1) begin van de middag. gedeelte van de dag aan het begin van de middag, dat ongeveer duurt van 12.00 tot 16.00 uur. 2) tweede deel van de ochtend. gedeelte van de dag voor het middaguur, in het bijzonder de tijd tussen ongeveer 9.00 en 12.00 uur; periode die het tweede deel v...

Lees verder
2019
2022-10-02
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

voormiddag

voormiddag - Zelfstandignaamwoord 1. (tijdrekening) tijd aan het begin van de middag of in het eerste deel van de middag 2. (tijdrekening) tijd voor 12:00, de ochtend Woordherkomst samenstelling van voor en middag

Lees verder
2018
2022-10-02
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

voormiddag

voormiddag - zelfstandig naamwoord uitspraak: voor-mid-dag 1. tijd vanaf zonsopgang tot de middag ♢ in de voormiddag doen we alvast de boodschappen 2. de eerste uren van de middag ♢ we arriveren...

Lees verder
2015
2022-10-02
Typisch Vlaams

Door Ludo Permentier en Rik Schutz

voormiddag

ochtend Wat een ontlading toen gisteren in de late voormiddag trefzekere bronnen konden bevestigen dat na zeventien (17!) jaar een programma van de VRT er eindelijk in geslaagd was om die hardnekkige Schalkse ruiters naar de geschiedenis der Vlaamse televisie te verwijzen. (De Standaard) In Nederland begint de 'voormiddag'...

Lees verder
2004
2022-10-02
Vlaams-Nederlands woordenboek

Peter Bakema

voormiddag

(de, -en) ochtend, morgen, periode vóór de middag, ongeveer van 9 tot 12. Het gemeentepersoneel zal binnenkort werken volgens een variabele uurregeling. Elke dienst zal permanent bezet worden door minstens één persoon van 8.30 tot 12 uur in de voormiddag. - LN, 04-12-2002.

Lees verder
1973
2022-10-02
Oosthoek Encyclopedie

Nederlandse encyclopedie

Voormiddag

m. (-en), tijdperk van de dag vóór de middag, in engere zin tussen 9—12 uur.

1952
2022-10-02
Frysk Wurdboek

Friesch woordenboek

Voormiddag

s., foardei, foarmiddei, moarntiid; des -s, foarmiddeis, yn ’e moarntiid.

1950
2022-10-02
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Nederlands woordenboek (7e druk - 1950)

Voormiddag

m. (-en), tijdperk van de dag vóór de middag, in engere zin tussen negenen en twaalven; — des voor'middags, in de voormiddag, ‘s morgens.

1937
2022-10-02
Koenen woordenboek 1937

M. J. Koenen's Verklarend handwoordenboek

voormiddag

m. -middagen; morgenuren tot de middag: de voormiddag duurt van 9-12 uur.

1930
2022-10-02
Jozef Verschueren

Modern Woordenboek (1930-1961)

voormiddag

(vo:r'middach) m. (-en) morgenuren tot de middag.

1898
2022-10-02
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

VOORMIDDAG

VOORMIDDAG - m. (-en), morgenuren vóór twaalven.

1864
2022-10-02
Nieuw woordenboek der Nederlandsche taal

I.M. Calisch (1864)

Voormiddag

Voormiddag, m. (-en), morgenuren vóór twaalven. *-BEZOEK, o. (-en). *-BEURT, v. (-en), (van predikanten om te preêken). *-DIENST, v. (-en), (in de kerk). *-KERK, v. gmv. voormiddagdienst. *-PREEK, v. (-en). *-WACHT, v. (zeew.) wacht van 8 tot 12 ure.

Lees verder