Wat is de betekenis van Visscherij?

1933
2021-09-19
Katholieke Encyclopaedie

25 delen, uitgegeven 1933-1939. Uitgeverij Joost van den Vondel te Amsterdam.

Visscherij

A) Techniek. De v. is een bedrijf, dat zich toelegt op het bemachtigen van zich in het water bevindende organismen en voorwerpen; een van de oudste middelen tot voedselvoorziening. Ze wordt ingedeeld in: 1° Zeevisscherij; v. op zee buiten de territoriale wateren. 2° Kustvisscherij: v. in de territoriale wateren, in de zeegaten en op de...

Lees verder
1916
2021-09-19
Oosthoek 1916

Nederlandse encyclopedie, uitgegeven van 1916-1925.

Visscherij

Visscherij - de opzettelijke vangst van in het water levende organismen, in de eerste plaats van visschen, maar vervolgens ook van schaal- en schelpdieren, koralen, sponsen, zeegras en wier, met de jacht een der oudste middelen der menschen om zich voedsel te verschaffen, gelijk uit talrijke praehistorische vondsten blijkt, nog heden ten dage het v...

Lees verder
1910
2021-09-19
Handelslexicon

Handelslexicon (1910) door J. Hagers

Visscherij

Visscherij - Redeke, H. C., Mededeelingen over visscherij, per jg. f 3.60. Helder, C. de Boer Jr.

1898
2021-09-19
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

VISSCHERIJ

VISSCHERIJ - v. (-en), het visschen, de vischvangst; de groote visscherij, de haringvangst; kleine visscherij, de walvischvangst.

1870
2021-09-19
Winkler Prins 1870

Nederlandse encyclopedie

Visscherij

Visscherij (De) of het vangen van visch vormt een afzonderlijken tak van nijverheid, gekweekt door de visschers, die zich op vele plaatsen tot eene bepaalde klasse of tot een afzonderlijk gild vereenigen en als zoodanig aan den oever van rivieren en meren of aan zee eigenaardige voorregten genieten. De gewone visscherij strekt zich uit over alle do...

Lees verder