Wat is de betekenis van vest?

2020
2021-07-27
Algemeen Nederlands Woordenboek

Digitaal woordenboek van eigentijdse Nederlands

vest

Het begrip vest heeft 7 verschillende betekenissen: 1) bovenkledingstuk met een voorsluiting. bovenkledingstuk, meestal met lange mouwen, dat het bovenlichaam bedekt en een gesloten achterpand heeft en een voorpand dat in het midden in de lengte in tweeën wordt gedeeld door een sluiting, meestal van een aantal knopen of een ritssluiting...

Lees verder
2019
2021-07-27
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

vest

vest - Zelfstandignaamwoord 1. (kleding) een mouwloos jasje, te dragen onder de jas van het kostuum 2. (kleding) kort (gebreid) jasje met mouwen vest - Zelfstandignaamwoord 1. stadsgracht 2. vestingmuur, stadswal vest - Werkwoord 1. enkelvoud tegenwoordige tijd van vesten 2. gebiedenwijs van vesten Ve...

Lees verder
2019
2021-07-27
NIFV

Nederlands Instituut Fysiek Veiligheid

VEST

VeiligheidsEisen voor SpoorTunnels. Europese TSI, vertaald voor de Nederlandse implementatie.

2018
2021-07-27
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

vest

vest - zelfstandig naamwoord 1. trui waarbij voorkant open kan ♢ doe je vest aan, het is koud buiten 2. jasje zonder mouwen ♢ hij droeg een vest onder zijn pak Zelfstandig naamwoord: vest ...

Lees verder
2015
2021-07-27
Typisch Vlaams

Door Ludo Permentier en Rik Schutz

vest

jasje, colbert Geen afgeborstelde types voor jou! Nee, jij valt op deze muzikale alternatieveling. Lang haar en een leren vest doen jou smelten. (Joepie) Belgisch-Nederlandse Standaardtaal Gangbaarheid: 7 Vlaamsheid: 1

Lees verder
1998
2021-07-27
Woordenboek van populaire uitdrukkingen

Marc De Coster ©, 1998

Vest

een - aan hebben, soldatenslang voor ‘dronken zijn’. Sinds ca. 1833. Syn. in de olie.

1973
2021-07-27
Oosthoek Encyclopedie

Nederlandse encyclopedie

vest

o. (-en), bovenkledingstuk voor mannen, zonder mouwen al of niet onder een colbertjasje gedragen (e): op zijn vestje geven, pak slaag of een uitbrander geven; op zijn vestje spuwen, harde waarheden toevoegen; heel wat onder zijn vestje hebben, nogal gezet zijn; een gebreid kort damesjasje (e); uitneembaar frontje onder of in de japonopening; vest...

Lees verder
1952
2021-07-27
Frysk Wurdboek

Friesch woordenboek

Vest

s.n., fest (it), festje (it).

1950
2021-07-27
Groot woordenboek der Nederlandse taal - 1950

Nederlands woordenboek (7e druk)

Vest

v., verkorting van vestingartillerie; ook vestjes.

1898
2021-07-27
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Vest

Het begrip vest heeft 2 verschillende betekenissen: 1. vest - VEST - v. (-en), VESTE, v. (-n), sterke muur eener vesting: de gildebroeders stonden op de veste; — vesting, versterkte plaats; — (ook) stadsgracht: het kind viel in de vest. 2. vest - VEST - o. (-en), VESTJE, o. (-s), zeker (mans) kleedingstuk, zonder mouwen onder de jas...

Lees verder