Wat is de betekenis van versterker?

2019
2023-02-06
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

versterker

versterker - Zelfstandignaamwoord 1. een middel waarmee een toename in aantal, of een krachtiger effect wordt bereikt Een megafoon is een versterker van geluid. 2. (elektronica) een schakeling van elektronische componenten die een toegevoerd signaal in spanning doet toenemen ...

Lees verder
2007
2023-02-06
logopedie

Logopedisch Lexicon

Versterker

(m.), onderdeel van het hoortoestel dat elektrische signalen afkomstig uit de microfoon versterkt en vervolgens doorstuurt naar de luidspreker.

1990
2023-02-06
BDI

BDI terminologie

versterker

centrale deel van een geluidsinstallatie dat elektrische signalen afkomstig van een microfoon, bandspeler, platenspeler e.d. versterkt zodat zij via een of meer luidspreker (s) kunnen worden omgezet in geluid. - geluidsversterker.

Lees verder
1981
2023-02-06
Zelfstudie

Encyclopedie voor Zelfstudie

versterker

in de radiotechniek, de elektroakoestiek en de elektronika: ieder toestel dat zwakke elektrische vermogens omzet in veel grotere vermogens met behulp van het in de versterker aanwezige vermogen, b.v. in de vorm van gelijkstroomvermogen uit een batterij of wisselstroomvermogen uit het net. De meeste versterkers berusten op de relaiswerking van elekt...

Lees verder
1973
2023-02-06
Oosthoek Encyclopedie

Nederlandse encyclopedie

Versterker

m. (-s), 1. installatie waarmee men kleine vermogens of signalen zodanig opvoert, dat zij een groter vermogen resp. signaal opleveren; 2. stof die de werking van een andere vergroot. In de moderne elektronika worden in versterkers hoofdzakelijk transistors toegepast, maar bij grote vermogens, zoals bij zenders, elektronenbuizen. In é&eacut...

Lees verder
1950
2023-02-06
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Nederlands woordenboek (7e druk - 1950)

Versterker

m. (-s), 1. persoon of zaak die versterkt : de dans als versterker van levensenergie (v.d. Leeuw); toestel om te versterken, inz. electr. stromen en golven (bij radio- en electr. gramofoontoestellen): 2. (fot.) stof om een onduidelijk negatief helderder te maken.

Lees verder
1949
2023-02-06
De Kleine Winkler Prins

Encyclopedie van A tot Z - 1949

Versterker

in de electrotechniek een installatie, waarmede zeer zwakke signalen met behulp van radiolampen versterkt kunnen worden, zodat zij in een luidspreker hoorbaar, of op een electrisch meetinstrument meetbaar gemaakt worden; z ook Radio-techniek. >.

1933
2023-02-06
Iedereen

Encyclopedie voor Iedereen

Versterker

1) lampen, die i/h radioontvangtoestel de sterkte der o/h rooster aankomende trillingen vergrooten, waardoor de uitzending v. zwakkere en verder verwijderde zenders hoorbaar wordt; 2) toestel, b/d telefonie in gebruik, dienende v. compensatie v. verliezen tengevolge v. lange lijnen; 3) i/d fotografie een oplossing (b.v. v. sublimaat) a/d → ont...

Lees verder
1933
2023-02-06
Katholieke Encyclopaedie

25 delen, uitgegeven 1933-1939. Uitgeverij Joost van den Vondel te Amsterdam.

Versterker

In de electro-techniek een toestel, uitgerust met een of meer radiolampen, die zoo gekoppeld zijn, dat een kleine electrische ingangsspanning (energie) vele malen versterkt wordt. Kenmerkend voor een v. is de versterkingsfactor, de gevoeligheid, de vervorming („Klirrfactor”), het opgenomen vermogen en het eindvermogen. Al naar de wijze...

Lees verder
1930
2023-02-06
Jozef Verschueren

Modern Woordenboek (1930-1961)

versterker

(vər’sterkər) m. (-s) I. Eig. hij die → versterkt (1). II. Metn. 1. Algm. iets waardoor men iets anders versterkt. 2. Inz. a. toestel bij de telefonie om op lange lijnen het geluid te versterken. b. lamp in een radiotoestel die de opgevangen zwakke trillingen sterker maakt. c. fotobad, oplossing om een zwak negatief kontrastvrijer...

Lees verder
1916
2023-02-06
Oosthoek 1916

Nederlandse encyclopedie, uitgegeven van 1916-1925.

Versterker

Versterker - (telegr. en telef.), zie RADIOLAMP.