Wat is de betekenis van Verlies?

2019
2021-01-20
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

verlies

verlies - Zelfstandignaamwoord 1. het teloorgaan, het kwijtraken Zijn vertrek naar Amerika is een groot verlies voor onze afdeling. Het bedrijf leed in dit kwartaal grote verliezen. verlies - Werkwoord 1. eerste persoon enkelvoud...

Lees verder
2018
2021-01-20
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

verlies

verlies - zelfstandig naamwoord uitspraak: ver-lies 1. het niet meer hebben van iets of iemand ♢ de dood van zijn vrouw was een groot verlies 2. het overwonnen worden ♢ hij kan niet tegen zijn v...

Lees verder
2017
2021-01-20
Drs. Markus van Alphen

Auteur van het boek Inleiding in de counselling

Verlies

de cliënt is iets kwijt (een gevoel, object, persoon, relatie enzovoorts) waaraan hij gehecht is geweest. Dat wil zeggen: dat wat is verloren was waardevol of belangrijk voor de cliënt.

2015
2021-01-20
Psychosociale gespreksvoering

Markus van Alphen

Verlies

Verlies - de cliënt is iets kwijt (een gevoel, object, persoon, relatie, enzovoorts) waaraan hij gehecht is geweest. Dat wil zeggen: dat wat is verloren was waardevol of belangrijk voor de cliënt.

2009
2021-01-20
Golfsportwoordenboek

Golfsportwoordenboek door Jan Luitzen

verlies

(het; g.mv.) 1 SP - het overwonnen worden 2 (matchplay) - het meer slagen op een hole maken dan de tegenstander: de straf voor overtreding van een golfregel in matchplay is verlies van de hole, tenzij anders is bepaald.

Lees verder
2008
2021-01-20
Praktische Economie havo 3

Begrippenlijst uit Praktische Economie havo 3

verlies

De kosten zijn hoger dan de opbrengsten.

2008
2021-01-20
Praktische economie vwo 3

BEGRIPPENLIJST UIT PRAKTISCHE ECONOMIE VWO 3

verlies

De kosten zijn hoger dan de opbrengsten.

2004
2021-01-20
Woordenboek van Eufemismen

Marc De Coster

verlies

Gebruikt met betrekking tot de dood van een geliefde. Dit eufemisme dateert al uit de zestiende eeuw. ‘Gecondoleerd allemaal samen,’ zei meneer Korst. Ab Korst van de Firma Verduyn (‘Uw adviseur bij persoonlijk verlies’ stond op zijn kaartje). Adriaan van Dis: Indische duinen. 1994

Lees verder
1973
2021-01-20
Oosthoek Encyclopedie

De Oosthoek is een Nederlandse encyclopedie die in verschillende uitvoeringen is verschenen

verlies

o. (verliezen), 1. het verliezen of verloren-worden: het — van een partij (bij schaken enz.); het kwijtraken, niet meer beschikken over: het — van het gehoor; 2. wat verloren gaat: verliezen door lekkage; met grote verliezen teruggeslagen worden, nl. doden en gewonden; 3. nadeel, schade: met verkopen, tegen minder geld dan ingekocht is...

Lees verder
1950
2021-01-20
Dikke Van Dale

Nederlands woordenboek (7e druk)

Verlies

o. (...zen), 1. het verliezen : verlies der kaarten wordt niet vergoed ; — het kwijtraken, niet meer beschikken over: het verlies der ogen, van het gehoor, het blind-, doof-worden ; — geval van verliezen: zijn dood was een onherstelbaar verlies; 2. wat verloren gaat; in ’t bijz. met betr. tot doden en gewonde...

Lees verder
1916
2021-01-20
Oosthoek 1916

Nederlandse encyclopedie, uitgegeven van 1916-1925.

Verlies

Verlies - Volgens art. 2014 B. W. geldt met betrekking tot roerende goederen, die noch in renten bestaan, noch in inschulden, welke niet aan toonder betaalbaar zijn, het bezit als volkomen titel, hetgeen, naar veelal wordt aangenomen, zeggen wil, dat het bezit bier eigendom medebrengt. Niettemin kan degene, die iets verloren heeft of aan wien iets...

Lees verder
1910
2021-01-20
Handelslexicon

Handelslexicon (1910) door J. Hagers

Verlies

Verlies - wat de ontvangst voor eenig goed minder bedraagt dan de uitgaven, die daarvoor gedaan zijn met inbegrip van alle onkosten.

1898
2021-01-20
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

VERLIES

VERLIES - o. (...zen), het verliezen: het verlies der oogen, van het gehoor, het blind-, doof worden; — zijn dood was een onherstelbaar verlies; — met verlies verkoopen, tegen minder geld dan ingekocht is ; — met verlies spelen ; — niet tegen verlies kunnen, bij het verliezen erg prikkelbaar worden. VERLIESJE, o. (-s).

Lees verder
1898
2021-01-20
J.V. Hendriks

Handwoordenboek van Nederlansche Synoniemen 1898

Verlies

zie Afbreuk.