Wat is de betekenis van Verhuizen?

2019
2021-01-19
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

verhuizen

verhuizen - Werkwoord 1. ergatief van woonplaats veranderen Wij verhuizen morgen naar Rotterdam. 2. (ov) de inboedel van een ander overbrengen Dat bedrijf verhuisde hen naar een gloednieuw huis. Woordherkomst afgeleid van huizen met het...

Lees verder
2018
2021-01-19
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

verhuizen

verhuizen - regelmatig werkwoord uitspraak: ver-hui-zen 1. in een ander huis gaan wonen ♢ onze buren verhuizen naar Haarlem 1. de boeken verhuizen naar een andere kast [worden in een andere kast ge...

Lees verder
2003
2021-01-19
Marga Schiet

MOM's lexicon van de opvoedmisstanden

Verhuizen

Kinderen vinden het heerlijk om te verhuizen. Voor kinderen kan een verhuizing heel bedreigend zijn omdat ze daardoor hun vriendjes kunnen verliezen en soms ook naar een andere school moeten. Daarom is het goed om het zorgvuldig voor te bereiden. Je kunt in de nieuwe buurt eerst eens met zijn allen een kijkje gaan nemen en op onderzoek uitgaan. Je...

Lees verder
1973
2021-01-19
Oosthoek Encyclopedie

De Oosthoek is een Nederlandse encyclopedie die in verschillende uitvoeringen is verschenen

verhuizen

(verhuisde, is en heeft verhuisd), 1. van woning, van huis veranderen; (spr.) — kost bedstro, verhuizen is duur; 2. verplaatst worden: dit fiche moet — naar de R.; 3. iemand —, zijn inboedel van de oude naar de nieuwe woning overbrengen.

Lees verder
1950
2021-01-19
Dikke Van Dale

Nederlands woordenboek (7e druk)

Verhuizen

(verhuisde, is en heeft verhuisd), 1. van woning, van huis veranderen: wij gaan verhuizen; — (spr.) verhuizen kost bedstro, verhuizen is duur; 2. de dienst verlaten (van meiden, knechts enz.); — (gemeenz.) sterven ; 3. (oneig.) verplaatst worden: dit fiche moet verhuizen naar de R. ; 4. iemand verhuizen, z...

Lees verder
1949
2021-01-19
Boevenjargon

Geschreven door Professor Henry Roskam

verhuizen

verkopen; opmaken. Die broger verbuist al z'n schrappes.

1914
2021-01-19
De vreemde woorden

De vreemde woorden, verklarend woordenboek door Fokko Bos.

verhuizen

verhuizen - (argot), verdoen, verdrinken, opmaken.

1898
2021-01-19
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

VERHUIZEN

VERHUIZEN - (verhuisde, is en heeft verhuisd), van woning, van huis veranderen : wij gaan verhuizen ; uit het eene huis in het andere trekken ; — (spr.) verhuizen kost bedstroo, verhuizen kost geld ; — den dienst verlaten (van meiden, knechts enz.); (gemeenz.) sterven; —den inboedel van anderen overbrengen: L. heeft ons verhuisd...

Lees verder