Wat is de betekenis van VERGEZELLEN?

2026-01-17
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Van Dale Uitgevers (1950)

Vergezellen

(vergezelde, heeft vergezeld), 1. tot gezelschap dienen van, medegaan met, begeleiden: iem. op de reis vergezellen; vergezeld van zijn trouwe hond; 2. (fig.) gelijk optreden met, meest in de verb. vergezeld gaan van of met, gepaard gaan met: het onweer ging van hevige rukwinden vergezeld; dat ging met veel plichtpleg...

Wil je toegang tot alle 20 resultaten?

Studenten van onderstaande onderwijsinstellingen hebben gratis toegang

Universiteit Leiden University of Amsterdam Universiteit Utrecht
2026-01-17
Nederlandstalige WikiWoordenboek

Wiktionary (2019)

vergezellen

vergezellen - Werkwoord 1. (ov) met iemand meegaan De scholier werd vergezeld door zijn grootouders. Woordherkomst afgeleid van gezel met het voorvoegsel ver- en met het achtervoegsel -en