Wat is de betekenis van VAKERIG?

2026-10-14
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Van Dale Uitgevers (1950)

Vakerig

bn. (-er, -st), slaperig: vakerig oog.

2026-10-14
Zuidnederlands Woordenboek

Walter De Clerck (1981)

vakerig

Slaperig; - een enkele keer oneig. in litt....

2026-10-14
Frysk Wurdboek (Friesch woordenboek)

Fa. A.J. Osinga (1952)

Vakerig

adj. & adv., slûch, jounich.

2026-10-14
Verklarend handwoordenboek der Nederlandse taal

M. J. Koenen's (1937)

vakerig

bn., bw. (slaperig): met vakerige ogen.

2026-10-14
Modern Woordenboek

Jozef Verschueren (1930)

vakerig

bn. en bw....

2026-10-14
Oosthoek Encyclopedie

Oosthoek's Uitgevers Mij. N.V (1916-1925)

Vakerig

bn. (-er, -st), 1....

2026-10-14
Groot woordenboek der Nederlandsche taal

J.H. van Dale (1898)

VAKERIG

VAKERIG - bn. (-er, -st), slaperig....