Wat is de betekenis van uitstekend?

2019
2021-05-08
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

uitstekend

uitstekend - Bijvoeglijk naamwoord 1. uitstékend: bijzonder goed, uitmuntend Dat was een uitstekend concert. 2. úítstekend: onvoltooid deelwoord van uitsteken: iets wat uitsteekt Hij bezeerde zich aan die uitstekende punt van de tafel....

Lees verder
2018
2021-05-08
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

uitstekend

uitstekend - bijvoeglijk naamwoord uitspraak: uit-ste-kend 1. wat naar buiten uitsteekt ♢ de uitstekende delen van deze vracht moeten goed beschermd worden 1. zeer goed ♢ je hebt dat uitstekend...

Lees verder
1980
2021-05-08
Van aalmoes tot zwijntjesjager

Geschreven door Dr. E. Schröder, 1980

Uitstekend

Er zijn enige woorden in het Nederlands die met tweeërlei accent kunnen worden uitgesproken. Een daarvan is uitstekend. Legt men het accent op de eerste lettergreep, dus op uit, dan gebruikt men het woord in letterlijke zin: een kerktoren, hoog boven het geboomte uitstekend, wees ons de weg. Als het accent van de eerste naar de tweede lettergr...

Lees verder
1973
2021-05-08
Oosthoek Encyclopedie

De Oosthoek is een Nederlandse encyclopedie die in verschillende uitvoeringen is verschenen

uitstekend

(het accent wisselt), bn. en bw., 1. naar buiten springend: uit’stekende jukbeenderen; 2. (-er, -st), (fig.) voortreffelijk, uitmuntend: een uitste’kende kwaliteit; tw.: uitste’kend! dat schikt mij heel goed.

Lees verder
1952
2021-05-08
Frysk Wurdboek

Friesch woordenboek

Uitstekend

adj. & adv., baes-, mastereftich púk, pûk, treflik; ietskunnen, eat út ’e kunst forstean; — persoon in zijn soort, baes, master, knaep, hont.

1950
2021-05-08
Groot woordenboek der Nederlandse taal - 1950

Nederlands woordenboek (7e druk)

Uitstekend

bn. bw. (-er, -st), 1. [accent op uit-] naar buiten springend: uitstekende jukbeenderen; 2. [accent op -ste-] (fig.) zich boven iets anders of anderen onderscheidend, voortreffelijk, uitmuntend.

Lees verder
1898
2021-05-08
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

UITSTEKEND

UITSTEKEND - bn. bw. (-er, -st), voortreffelijk, uitmuntend. UITSTEKENDHEID, v. voortreffelijkheid.