Wat is de betekenis van uitstapje?

2019
2021-05-09
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

uitstapje

uitstapje - Zelfstandignaamwoord 1. verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord uitstap 2. (zelfstandig verkleinwoord) kort plezierreisje Woordherkomst uitstap met het achtervoegsel -je Verwante begrippen excursie, tocht, toer, trip

Lees verder
2018
2021-05-09
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

uitstapje

uitstapje - zelfstandig naamwoord uitspraak: uit-stap-je 1. dagje uit, tochtje ♢ we maakten een uitstapje naar de Efteling Zelfstandig naamwoord: uit-stap-je het uitstapje de uitstapjes...

Lees verder
2004
2021-05-09
Woordenboek van Eufemismen

Marc De Coster

uitstapje

Tijdelijke (seksuele) relatie met een andere persoon dan diegene met wie men samenleeft; slippertje*; seksueel avontuurtje. Door het gebruik van een verkleinwoord wordt de zaak wat gebagatelliseerd. Zie ook snoepreisje*. Mannen die door een verbreking van de relatie of om andere redenen geen seks met hun partner meer hadden, houden hun aantal orgas...

Lees verder
1973
2021-05-09
Oosthoek Encyclopedie

De Oosthoek is een Nederlandse encyclopedie die in verschillende uitvoeringen is verschenen

uitstapje

o. (-s), korte plezierreis, toer; (fig.) beschouwing, uitweiding: een op het gebied van de natuurkunde.

1952
2021-05-09
Frysk Wurdboek

Friesch woordenboek

Uitstapje

s.n., útstapke (it), útsje (it), útflechtsje (it).