2019-10-19

uitslag

Zie (ook) huiduitslag, eczeem

2019-10-19

uitslag

Eindresultaat van een wedstrijd of toernooi.

2019-10-19

uitslag

uitslag: klassement van de wedstrijd.

2019-10-19

Uitslag

Uitslag - 'een goede uitslag rijden': bij de eersten eindigen.

2019-10-19

uitslag

Een uitslag is een tekening van een ruimtelijke vorm (1) waarbij alle vlakken (zie vlak (2)) aan elkaar vastzitten en die door buigen en/of vouwen de ruimtelijke vorm te zien geeft.

2019-10-19

uitslag

(de; -en) 1 GV - (bij het kolfspel) eerste klap die de kolver slaat richting de achterpaal, waarbij hij naast de voorpaal staat waar geen puntenaanduiding op de vloer is uitgezet; raakt de kolver de achterpaal, dan mag hij de bal op een voorkeursplaats leggen voor de volgende klap; raakt hij de paal niet, dan blijft de bal liggen waar hij is uitgekomen, syn. uitklap 2 SP - afloop, resultaat: de voorlopige, definitieve, officiële uitslag van een wedstrijd.

2019-10-19

uitslag

uitslag - zelfstandig naamwoord uitspraak: uit-slag 1. wat het oplevert ♢ zijn de uitslagen van de examens al bekend? 2. blaasjes, bobbels, of vlekjes op je huid door iets dat van binnenuit komt ♢ als Jur in de buurt van paarden komt, krijgt hij altijd uitslag Zelfstandig naamwoord: uit-slag de...

2019-10-19

uitslag

(de; -en) SP - (van een wedstrijd) afloop, resultaat: uitslag rijden, een goed wedstrijdresultaat halen, bv. bij de eerste 10 eindigen

2019-10-19

uitslag

uitslag - Zelfstandignaamwoord 1. (sport) (spel) afloop (van een wedstrijd), resultaat (van een onderzoek, een examen of een raadpleging) De uitslag van de wedstrijd was zeer teleurstellend voor de thuisploeg. 2. (bouwkunde) aanslag (ten gevolge van vocht op of in een muur) die van binnenuit komt. 3. (medisch) uiterlijk zichtbare ziekteverschijnselen van de huid Woordherkomst samenstelling van uit en slag Synoniemen...

2019-10-19

UITSLAG

UITSLAG - m. (muz.) vóórlaatste slag eener maat: met den uitslag beginnen; — verkoop, debiet: — overwicht, overmaat: stille uitslag; — schimmel: uitslag aan muren; — puisten, roodheid (op de huid): drogen,, schilferachtigen, melaatschachtigen uitslag krijgen, hebben; — (bouwk.) teekening op de ware grootte : de uitslag van eene trap, een huis. een schip; — het uitslaan (in het kolfspel); — (fig.) afloop, uitkomst, gevolg, uitwerking : de uitslag der verkiezingen; de uitslag van e...

2019-10-19

Uitslag

Uitslag (exanthema) ontstaat door bloedophooping, ontsteking en uitzweeting vanéén of meer zamenstellende deelen van de huid. Het komt dan ook voor onder verschillende vormen, namelijk als vlekken (maculae), bulten (pomphi), tepeltjes (papillae), puisten (pustulae), tuberkels (tubereula), knoesten (phymata), schubben (squamae) en korsten (crustae). De oorzaak van uitslag is soms gelegen in de werking van prikkelende zelfstandigheden op de huid, of in acute bloed-ontmenging, zooals bij roodvonk...

2019-10-19

uitslag

Ongedierte op een kinderhoofd. Gesignaleerd door De Vooys in ‘De Nieuwe Taalgids’ (1920). Schertsend wordt van iemand met ongedierte ook gezegd dat hij ‘familie’ heeft.

2019-10-19

Uitslag

Uitslag - zie Stille uitslag.