Synoniemen van uitscheiden

2020-02-17

uitscheiden

uitscheiden - regelmatig werkwoord uitspraak: uit-schei-den 1. niet meer doorgaan ♢ wil je wel eens uitscheiden met dat geschreeuw! 1. het naar buiten laten komen ♢ de wond scheidde vocht uit Regelmatig werkwoord: uit-schei-den ik scheid uit (... ik uitscheid) ...

2020-02-17

uitscheiden

uitscheiden - Werkwoord 1. ergatief ~ met ergens mee ophouden, stoppen Gelukkig scheed hij uit met die herrie. uitscheiden - Werkwoord 1. (ov) een stof het lichaam laten verlaten Was wordt door bijen uitgescheiden. Woordherkomst samenstelling van uit en scheiden Verwante begrippen aflaten, wijken

2020-02-17

UITSCHEIDEN

UITSCHEIDEN - (scheidde uit, is uitgescheiden), afscheiden, afzonderen: vochten uitscheiden; — ophouden, eindigen: met werken uitscheiden; hij weet van geen uitscheiden. UITSCHEIDING, v. het uitscheiden; uitscheiding bij de stofwisseling, einde»

2020-02-17

Uitscheiden

zie Aflaten.