Wat is de betekenis van uitschakelen?

2024-05-30
Prisma Groot Woordenboek Nederlands

Unieboek | Het Spectrum (2024)

2024-05-30
Woordenboek van Populair Taalgebruik

Marc De Coster (2020-2024)

uitschakelen

(1938) (euf.) iemand doden. In deze betekenis niet opgenomen in het WNT. Vnl. een militaire term. Uitschakelen is een redelijk vage term omdat het ook kan slaan op het uitschakelen van machines, wapens enzovoort. Wanneer het woord gebruikt wordt met betrekking tot personen krijg je bovendien de suggestie dat de daad eerder tijdelijke dan definitiev...

2024-05-30
Nederlandstalige WikiWoordenboek

Wiktionary (2019)

uitschakelen

uitschakelen - Werkwoord 1. (ov) buiten competitie stellen Onze ploeg werd pas in de finale uitgeschakeld. 2. (ov) door andere schakeling deactiveren Het toestel was al uitgeschakeld. Woordherkomst samenstelling van uit(bijwoord) en sc...

2024-05-30
Muiswerk Educatief

Muiswerk Educatief (2017)

uitschakelen

uitschakelen - regelmatig werkwoord uitspraak: uit-scha-ke-len 1. de knop omzetten zodat het niet meer werkt ♢ hij schakelde het televisietoestel uit Regelmatig werkwoord: uit-scha-ke-len ik schakel uit (... ik ui...

2024-05-30
Woordenboek van Eufemismen

Marc de Coster (2004)

uitschakelen

Doden. Voornamelijk een militaire term. Uitschakelen is een redelijk vage term omdat het ook kan slaan op het uitschakelen van machines, wapens enzovoort. Wanneer het woord gebruikt wordt met betrekking tot personen krijg je bovendien de suggestie dat de daad eerder tijdelijke dan definitieve gevolgen (de dood) heeft. Een synoniem is elimineren*. A...

2024-05-30
Frysk Wurdboek (Friesch woordenboek)

Fa. A.J. Osinga (1952)

Uitschakelen

v., útskeakelje.

2024-05-30
Woordenboek Nederlands-Turks

Mehmet Kiriş (2024)

2024-05-30
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Van Dale Uitgevers (1950)

Uitschakelen

(schakelde uit, heeft uitgeschakeld), 1. (eig.) door schakeling, door het verstellen van een schakelaar onderbreken, resp. buiten werking stellen : de stroom, het licht, een toestel uitschakelen; 2. (fig.) in een positie of toestand brengen waardoor het object niet meer werken, niet meer meedoen kan : dat gevaar is daarmee uitgeschakeld...

Wil je toegang tot alle 13 resultaten?

Ja, ik word vriend van Ensie!
2024-05-30
Verklarend handwoordenboek der Nederlandse taal

M. J. Koenen's (1937)

uitschakelen

schakelde uit, h. uitgeschakeld (één of meer schakels losmaken en verwijderen; electr. buiten de elektrische stroom brengen): van een te lange ketting enige schalmen uitschakelen; fig. de politieke zijde van een vraagstuk uitschakelen, beter: terzijde schuiven, stellen; rechtst. België: uitschakelen van geschriften, het doen verd...