Wat is de betekenis van uithangbord?

2026-01-17
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Van Dale Uitgevers (1950)

Uithangbord

o. (-en), 1. bord, schild dat voor een winkel, een magazijn, een herberg enz. naar buiten hangt en waarop de soort van nering die er gedaan wordt en de naam van de winkelier enz. of van het hotel vermeld of in figuur voorgesteld wordt: de uithangborden verdwijnen meer en meer. 2. (fig.) voorkomen, uiterlijk: haar uithangbord voors...

Wil je toegang tot alle 18 resultaten?

Studenten van onderstaande onderwijsinstellingen hebben gratis toegang

Universiteit Leiden University of Amsterdam Universiteit Utrecht
2026-01-17
Woordenboek van Populair Taalgebruik

Marc De Coster (2020-2025)

uithangbord

(1914-1918) (Vlaanderen, sold.) iemand met een grote neus of kin. Ook de benaming (vnl. Antwerpen) voor het aangezicht. • Aangezicht: Uithangbord, bakkes, smoel, smoelwerk, facade, mannekesblad, teut, smikkel, snuit, bef, smoel-berg-op. (Jack De Graef: Het Groot Woorden- en Liedjesboek over het Antwerps dialekt. Vierde aangevulde druk. 1981)...