2020-01-26

Tuut

Tuut - politieagent, vnl. te Rotterdam. Volgens Woordenschat afgeleid van Lat. tutus = veilig. Volgens Stoett en Van Dale (EW) evenwel genoemd naar het geluid van het signaalhoorntje.

2020-01-26

tuut

(vnl. Utrecht en Rotterdam) politieagent. Volgens De Beer & Laurillard afgeleid van het Latijnse woord tutus (veilig). Stoett en Van Dale menen evenwel dat het woord werd genoemd naar het geluid van het signaalhoorntje. Anderen zien dan weer verband met de gewestelijke benaming voor een kip, nl. tuut. In het Bargoens wordt een agent immers ook aangeduid met de term kip. Vgl .juut.Het komt me derhalve al zeer onwaarschijnlijk voor, dat we in kip den vogel moeten zien, al meent ook het v...

2018-04-05

Tuut tuut tuut, de groetjes van ruud

vaste afsluiting van de rubriek De Minuut van Ruud in Animal Crackers, een Nederlands tv-programma van André van Duin uit 1988. In de rubriek vertelde Lubbers, vertolkt door de bewegende mond van Van Duin in een stilstaand beeld van de toenmalige premier, wat er zoal gebeurd was in de Tweede Kamer.

2020-01-02

Het stoomgemaal in Appeltern

‘De Tuut’ (De Tuut 1) uit 1918-'19 is één van de laatst gebouwde stoomgemalen in Nederland. Het door ingenieursbureau Van Hasselt & De Koning ontworpen complex bestaat uit een machinehuis, een ketelhuis met schoorsteen (in 1997 gerestaureerd) en een houten kolenloods. Bij het gemaal staan twee machinistenwoningen (De Tuut 2-3). Het stoomgemaal is in 1969 buiten bedrijf gesteld en vervangen door het naastgelegen dieselgemaal Bloemers. De door Gebr. Stork &a...

2020-01-02

Het dijkmagazijn in Appeltern

(De Tuut 17) dateert uit het eind van de 19de eeuw. De zijgevels van het tweelaags gebouw hebben rechthoekige spaarvelden met smalle ventilatiespleten.

2018-08-20

Tureluur

Tureluur (Totanus Calidris L.), ook Tuut en Tuutling geheeten, is de naam van een vogel uit de familie der Langbekken (Longirostres) onder de Steltloopers (Grallatores). Hij is zoo groot als een merel, maar hooger op de pooten, en broedt in onze weilanden, waar zijne eijeren gevonden en onder de kievitseijeren verkocht worden, al zijn zij ook iets kleiner en eenigzins geelachtig van kleur. De tureluur is van boven bronsachtig, bruingrijs gekleurd met zwarte vlekjes, en van onder wit met bruine s...

2017-11-14

doveninstituut

doveninstituut - zelfstandig naamwoord uitspraak: do-ven-in-sti-tuut 1. instituut voor mensen (kinderen) die niet of heel slecht kunnen horen ♢ in het doveninstituut leerde Robin gebarentaal Zelfstandig naamwoord: do-ven-in-sti-tuut het doveninstituut de doveninstituten

2017-11-14

institutie

institutie - zelfstandig naamwoord uitspraak: in-sti-tuut-sie 1. een organisatie met een bepaalde taak ♢ de rechtbank is een institutie Zelfstandig naamwoord: in-sti-tuut-sie de institutie de instituties Synoniemen instelling, instituut

2017-11-14

constitutioneel

constitutioneel - bijvoeglijk naamwoord uitspraak: con-sti-tuut-sjo-neel 1. wat berust op een grondwet ♢ we hebben in Nederland een constitutionele monarchie 2. wat het hele lichamelijke gestel betreft ♢ suikerziekte is een constitutionele ziekte Bijvoeglijk naamwoord: con-sti-tuut-sjo-neel de/...

2017-11-14

prostitutie

prostitutie - zelfstandig naamwoord uitspraak: pros-ti-tuut-sie 1. verschijnsel dat iemand zich laat betalen voor seks ♢ er is veel prostitutie in deze wijk Zelfstandig naamwoord: pros-ti-tuut-sie de prostitutie

2017-11-14

statuut

statuut - zelfstandig naamwoord uitspraak: sta-tuut 1. officiële tekst met regels van de organisatie ♢ in de statuten staat dat iemand vier jaar lid van het bestuur mag zijn Zelfstandig naamwoord: sta-tuut het statuut de statuten

2017-11-14

constitutie

constitutie - zelfstandig naamwoord uitspraak: con-sti-tuut-sie 1. hoe je lichaam in elkaar zit en functioneert ♢ vrouwen hebben vaak een zwakkere constitutie dan mannen 2. de grondwet (belangrijkste wetten) van een land ♢ in onze constitutie staat dat het kabinet regeert Zelfstandig naamwoord: con-sti-tuut-sie

2017-11-14

instituut

instituut - zelfstandig naamwoord uitspraak: in-sti-tuut 1. een organisatie met een bepaalde taak ♢ in dit instituut wordt onderwijs gegeven 2. wat door de maatschappij is ingesteld ♢ het instituut van het huwelijk Zelfstandig naamwoord: in-sti-tuut het instituut d...

2017-11-14

institutioneel

institutioneel - bijvoeglijk naamwoord uitspraak: in-sti-tuut-si-o-neel 1. wat te maken heeft met instellingen van de staat ♢ in dit boek staat een overzicht van de institutionele ontwikkeling 2. wat bij een instituut of instituten hoort ♢ dit zijn institutionele bedrijven 1. institutionele beleggers <...

2020-01-02

kip in blik

(Bargoens) politieagent. De term dateert uit het midden van de twintigste eeuw. Geen beroep met zoveel bijnamen: de sterke arm in een Volkswagen Kevertje werd in de jaren vijftig al kip-in-blik genoemd. Een bekeurder was een ballenjatter. Het synoniemenwoordenboek geeft een indrukwekkend rijtje andere woorden voor ‘de kit’: smeris, juut, wout, diender, rakker, bout, glimmerik, klabak, sjouter, tuut. Niet bepaald vleiend. (De Telegraaf, 31/08/2002)

2017-11-14

institutionaliseren

institutionaliseren - regelmatig werkwoord uitspraak: in-sti-tuut-si-o-na-li-se-ren 1. tot een gevestigde instelling maken ♢ de acties van vrijwilligers zijn in deze plaats geïnstitutionaliseerd 1. geïnstitutionaliseerd geweld [activiteiten van de overheid die als onderdrukking worden ervaren] Regelmatig werkwoord: in-sti-...

2019-04-30

HATTERMAN, NOLA

HATTERMAN, NOLA - Geb. te Amsterdam. Had eenige jaren les van Charles Haak, leeraar M.O. teekenen. Is lid van „St. Lucas", „De Onafhanke¬lijken" en „De Brug" op wier tentoonstellingen zij exposeert. Werken van haar in het Koloniaal Insti¬tuut (twee Schilderijen, een Teekening en een Litho). Onderwerp Menschen, liefst van het zwarte ras. „De Maasbode" „Koppen, die treffen door een stoutmoedigheid in de lijn en die diepe belangstel¬ling...

2020-01-02

juut, juto

(Bargoens) politieagent. Een klanknabootsend woord: naar het geluid van het fluitje dat agenten destijds hadden. Vgl. tuut. Onder Rotterdamse straatjongeren aan het begin van de twintigste eeuw was juten’ een bekende kwajongenskreet om oploopjes en relletjes aan te kondigen. Een politieagent stond toen, in de ogen van het publiek, ongeveer op de laagste sport van de maatschappelijke ladder. Bekend is het kinderversje: ‘Juut, juut, juut/ Daar komt een smeris aan/ op een hobbelpaard/d...

2018-08-17

teut

Lichtjes dronken. Het WNT citeert ‘Coli Compas of de klucht van Ian Tryntiens en Duyfie’ (tweede dr. 1665). In het ‘Spreekwoordenboek’ van Tuinman lezen we: ‘Hy is teut. Dit zegt men van ymand, die beschonken is. Dit tuet zal zyn van teuteren, tateren, hakkelen. De dronkenschap belemmert de tong.’ Teuten is gewestelijk voor: talmen, lijzig praten. In Antwerpen zegt men ‘tuut als een achterdeur’ (stomdronken). Bij Cornelissen & Vervliet heeft teut ook de betekenis van ‘afgem...

2019-02-20

wegwerpurinaal

Curieus hoe sanitaire voorzieningen de mensheid blijven bezighouden. Het jaar 1999 bracht wat dit betreft verschillende nieuwe uitvindingen (zie ook gezondheidstoilet en plastuit). Een daarvan was het wegwerpurinaal, ook wel plaszak, potzak, wegwerptoilet, wegwerp-wc en zakpo genoemd — allemaal woorden die niet eerder zijn aangetroffen. Het urinaal werd in juni 1999 op de markt gebracht onder de merknaam Mini Potti, en Trouw...