Wat is de betekenis van toon?

2022
2023-02-07
Jiddisch

Woordenboekje Nederlandse Jiddisch

Toon

doen; Nieuwhoogduits tun.

2020
2023-02-07
Meertens Instituut

Nederlandse Voornamenbank

Toon

Zie Antonius

2019
2023-02-07
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

Toon

Toon - Eigennaam 1. (mannelijke naam) een jongensnaam Toon ging meestal met de motor naar zijn werk. Woordherkomst Verkorting van Anthonius. Zie ook toon

Lees verder
2018
2023-02-07
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

toon

toon - zelfstandig naamwoord 1. klank met bepaalde hoogte ♢ met welke toon begint dit lied? 1. hij zal wel een toontje lager zingen [minder praatjes hebben] 2. zij valt uit de t...

Lees verder
2007
2023-02-07
logopedie

Logopedisch Lexicon

Toon

(m.), een geluid met een bepaalde omschreven gewaarwording van luidheid, toonhoogte en timbre, boven~, een trilling met een frequentie die het veelvoud is van de grondtoon. Deze tonen worden ook wel harmonische tonen genoemd, met uitzondering van de eerste; eerste harmonische ~ → grondtoon; enkelvoudige ~, → zuivere toon; grond~, syn...

Lees verder
2002
2023-02-07
Lexicon voor de kunstvakken

Verklaringen van woorden die gebruikt worden in teksten over kunst.

toon

Toon is: 1) (beeldend): het karakter van de kleur; de mate waarin een kleur meer of minder is verhelderd of verdonkerd is door toevoeging van wit of zwart; vgl. met tint; zie ook kleurtoontrap; 2) (muziek): het geluid dat ontstaat door het in trilling brengen van een instrument, bijv. door een snaar (gitaar, harp), lucht (blaasinstrumenten), een ve...

Lees verder
1994
2023-02-07
Vreemde woorden

Woordenboek vreemde woorden

Toon

[Lat. tonus = spanning van snaar, van Gr. tonos = spanning, klank, toonhoogte, van teinein = spannen] 1. (muz.) klank met bep. trillingsgetal; afstand tussen twee noten; 2. tint, kleurnuance; wijze van spreken; 3. gradatie van grijstinten in een foto.

Lees verder
1981
2023-02-07
Zelfstudie

Encyclopedie voor Zelfstudie

toon

elke regelmatige trilling waarvan het trillingsgetal (= aantal trillingen per seconde) binnen het hoorbaarheidsgebied ligt. Het aantal trillingen per seconde heet de frequentie of toonhoogte, de sterkte van de trillingen noemt men wel de toonsterkte. Is de trilling niet regelmatig, dan spreekt men van geruis.

Lees verder
1978
2023-02-07
Germanismen in het Nederlands

Dr. S. Theissen

Toon

‘De toon valt op de tweede lettergreep.’ (Van Dale) In de zin van ‘klemtoon’ werd toon in de jaren ’50 soms als een germanisme (D. ‘Ton’) beschouwd. Sinds de jaren ’60 vermelden Van Dale en Koenen deze betekenis als niet meer gewoon of als verouderd. In sommige woordenboeken (Verschueren, Kramers, Ja...

Lees verder
1964
2023-02-07
voornamen

Voornamenboek

Toon

m -> Antonius.

1963
2023-02-07
Surinaams woordenboek

J. van Donselaar

toon

(de tonen), grote teen. Hij stelde Chandra voor een stuk bintgaar ( ) aan haar toon te binden en dat door een van de naden van de wand naar buiten te laten hangen. Als het touwtje er hing, zou hij weten dat zij wilde en als hij er dan aan trok zodat zij wakker werd, dan zou zij weten dat hij zou wachten (Dobru 1968b: 13). - Etym.: veroud. AN t. = t...

Lees verder
1962
2023-02-07
Muziek Encyclopedie

Geschreven door S. van Ameringen (1962)

toon

in de muziek een enkelvoudig of samengesteld geluid, waarbij één toonhoogte als overwegend wordt waargenomen en eventueel andere toonhoogten als timbre van die overwegende toon worden ervaren (zie bovenharmonischen).

1952
2023-02-07
Frysk Wurdboek

Friesch woordenboek

Toon

s., toan, klank, lûd (it); zijnmatigen, yn 'e lijte, yn lij falie, ynbine.

1950
2023-02-07
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Nederlands woordenboek (7e druk - 1950)

Toon

I. TOON mansnaam, uit Antonius. Toontje. II. TOON m. (tonen), 1. klank van standvastig periodieke trillingen; geluid welks hoogte in verhouding tot die van andere klanken kan worden waargenomen : de muziek beweegt zich op het gebied der tonen; de sterkte, hoogte en kleur van een toon ; lage, hoge tonen, met weinig, resp. veel trillingen i...

Lees verder
1949
2023-02-07
De Kleine Winkler Prins

Encyclopedie van A tot Z - 1949

Toon

zuiver sinusvormige luchttrilling (z Klank).

1947
2023-02-07
Winkler Prins Encyclopedie

Winkler Prins 1947

Toon

noemt men een geluid, wanneer het geheel of grotendeels ontstaat door een constante periodische luchttrilling eventueel met de bovenharmonische daarvan. Aan een toon kan men daardoor een bepaalde toonhoogte onderscheiden. Wanneer een geluid bestaat uit een aantal tonen spreekt men van klank of — bij een bepaalde muzikale oriëntatie van d...

Lees verder
1937
2023-02-07
Koenen woordenboek 1937

M. J. Koenen's Verklarend handwoordenboek

toon

I. m. tonen; teen, voetvinger. II. m. tonen, toontje; 1. klank, waarvan de hoogte bepaald wordt in verhouding tot de hoogte van andere klanken; muz. afstand tussen twee tonen ener toonschaal; toonhoogte: een verwarde massa van allerlei tonen noemt men gedruis; op de tonen der muziek; uit de toon gaan, vals zingen; toon houden, zuiver zingen; hij s...

Lees verder
1933
2023-02-07
Katholieke Encyclopaedie

25 delen, uitgegeven 1933-1939. Uitgeverij Joost van den Vondel te Amsterdam.

Toon

1° (muziek) a) geluid, veroorzaakt door een geluidsbron, die harmonische ➝ trillingen volbrengt. De t. zijn vastgesteld in mathematisch berekende trillingsverhouding en wel naar verschillende stemmingen: reine, Pythagoreïsche, ongelijkzwevende, gelijkzwevende. ➝ Stemming. Zie verder het art. Tonbestimmung in Riemann’s Musik-Lexikon....

Lees verder
1930
2023-02-07
Jozef Verschueren

Modern Woordenboek (1930-1961)

toon

(to:n) A. m. (tonen ; -tje) [Lat. tonus] I. Eig. bepaalde muzikale klank : een diepe, hoge -; de hoogte, de sterkte, de kleur van een -. Gez. de juiste aanslaan, treffen, nl. bij het aanslaan op de piano of bij het zingen of het juiste woord op de rechte plaats weten te spreken; een andere aanslaan, op een andere, meer bescheiden manier spreken; e...

Lees verder
1926
2023-02-07
Christelijke encyclopedie

Geschreven onder redactie van theoloog F.W. Grosheide, 1925-1931

Toon

Onder onze gewaarwordingen waardoor wij kennis krijgen van de dingen buiten om, zijn ook geluidgewaarwordingen, die hierdoor ontstaan, dat we met onzen geest de prikkels opvatten, die ons gehoororgaan opvangt. De trillingen van de lucht, die met een snelheid van ongeveer 333 Meter in de seconde zich voortplanten, komen in aanraking met ons oor en l...

Lees verder