Wat is de betekenis van tegelijkertijd?

2019
2021-01-19
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

tegelijkertijd

tegelijkertijd - Bijwoord 1. op hetzelfde moment, gelijktijdig Dan kun je dat tegelijkertijd laten doen. Woordherkomst samenstelling van het voorzetsel 'te', de datief vrouwelijk van het bijvoeglijke naamwoord 'gelijk' (uitgang -er) en het zelfstandig naamwoord 'tijd...

Lees verder
2018
2021-01-19
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

tegelijkertijd

tegelijkertijd - bijwoord uitspraak: te-ge-lij-ker-tijd 1. op hetzelfde moment ♢ we hebben gewerkt, maar tegelijkertijd ook veel gekletst Bijwoord: te-ge-lij-ker-tijd Synoniemen gelijk, gelijktijdig, meteen, tegelijk

Lees verder
1973
2021-01-19
Oosthoek Encyclopedie

De Oosthoek is een Nederlandse encyclopedie die in verschillende uitvoeringen is verschenen

tegelijkertijd

(accent wisselt), bw., 1. op hetzelfde ogenblik, 2. tevens, toch ook.

Lees verder
1950
2021-01-19
Dikke Van Dale

Nederlands woordenboek (7e druk)

Tegelijkertijd

[ook -tijd'], bw., 1. op hetzelfde ogenblik. 2. tevens.

Lees verder