Stroom
m. (stromen), 1. zich voortbewegende massa van een vloeistof, inz. zich voortbewegende watermassa: koude en warme stromen ; de stroom langs de kust; hij werd door de kracht van de stroom meegevoerd; de stroom trekt dwars over de zandbanken heen ; — in meer abstr. zin, het stromen, stroming : er staat daar een sterke stroom ; er is geen stroom...