Wat is de betekenis van Stollen?

2019
2021-04-18
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

stollen

stollen - Werkwoord 1. ergatief overgaan van een vloeibare naar een vaste toestand Als lava eenmaal uit de vulkaan gestuwd is, stolt het.

Lees verder
2018
2021-04-18
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

stollen

stollen - regelmatig werkwoord uitspraak: stol-len 1. hard worden, in vaste vorm overgaan ♢ het druipende kaarsvet is gestold Regelmatig werkwoord: stol-len het stolt zij stollen...

Lees verder
1998
2021-04-18
Nova

Begrippenlijst Nova

Stollen

De fase-overgang van een stof van vloeibaar stolt.

1993
2021-04-18
Peter Timofeeff

Prisma van het Weer

Stollen

Zie: bevriezen

1981
2021-04-18
zelfstudie

Encyclopedie voor Zelfstudie

Stollen

of stremmen, van vloeibare in vaste toestand overgaan. Melk stremt bij het zuur worden: de eiwit- en vetdeeltjes klonteren samen tot vlokken; bloed stolt buiten het lichaam: zijn eiwitdeeltjes vormen de bloedkoek, een min of meer vaste massa.

Lees verder
1974
2021-04-18
Biologische encyclopedie

Biologische encyclopedie geschreven door G. Th. van Kempen. Amsterdam, 1974.

stollen

overgaan van vloeibare fase in vaste fase.

1973
2021-04-18
Oosthoek Encyclopedie

De Oosthoek is een Nederlandse encyclopedie die in verschillende uitvoeringen is verschenen

stollen

(stolde, is en heeft gestold), van de vloeibare tot de vaste toestand overgaan, stremmen; de schrik deed mij het bloed in de aderen —.

1952
2021-04-18
Frysk Wurdboek

Friesch woordenboek

Stollen

v., (bi)stjurje, bistiverje, (bi)stiivje, forstjurje, -stiverje, ongelje; eten waarin het vet spoedig stolt, stjurrich iten.

1950
2021-04-18
Groot woordenboek der Nederlandse taal - 1950

Nederlands woordenboek (7e druk)

STOLLEN

(stolde, is gestold), 1. (onoverg.) van de vloeibare tot de vaste toestand overgaan, stremmen : de olie, het vet, gesmolten boter stolt; de vorst deed' de wateren stollen, bevriezen; — fig. zegsw.: de schrik deed mij het bloed in de aderen stollen; 2. (overg., niet alg.) doen stijf of vast worden, t.w. een vloeistof: de melk werd verhit...

Lees verder
1916
2021-04-18
Oosthoek 1916

Nederlandse encyclopedie, uitgegeven van 1916-1925.

Stollen

Stollen - Zie LEDER.

1898
2021-04-18
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Stollen

Stollen - (stolde, is gestold), van den vloeibaren tot den vasten toestand overgaan, stremmen : de olie, het vet, gesmolten boter stolt; de vorst deed de wateren stollen, bevriezen ; — gestold bloed, geronnen bloed ; de schrik deed mij het bloed in de aderen stollen, stilstaan, ophouden te vloeien. STOLLING, v. het stollen.

Lees verder
1898
2021-04-18
J.V. Hendriks

Handwoordenboek van Nederlansche Synoniemen 1898

Stollen

zie Bevriezen.

1870
2021-04-18
Winkler Prins 1870

Nederlandse encyclopedie

Stollen

Stollen noemt men het overgaan van eene opgeloste stof in een vasten, amorphen toestand. De oorzaken van dit verschijnsel zijn verschillend. Eiwit stolt bij eene warmte van 70° C. Caseïne in de melk stolt niet bij het koken, maar volkomen, wanneer men een stuk leb in de melk brengt. Ook door zuren wordt de caseïne van de melk afgezonderd. Fibrine,...

Lees verder