Wat is de betekenis van STEM?

2019
2021-05-16
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

stem

stem - Zelfstandignaamwoord 1. (biologie) het geluid dat ondermeer door het trillen van de menslijke stembanden wordt geproduceerd De menselijke stem is uniek in de biologie. 2. (communicatie) het geluid dat een mens bij het spreken voortbrengt Je herkent hem aa...

Lees verder
2018
2021-05-16
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

stem

stem - zelfstandig naamwoord 1. geluid dat je maakt met je stembanden ♢ zij heeft een heldere stem 1. je stem verheffen [harder gaan praten] 2. de tweede stem zingen ...

Lees verder
2010
2021-05-16
Dokterswoordenboek

Ruim 2300 medische begrippen, omschreven door Jannes van Everdingen en Arnoud van den Eerenbeemt

stem

Geluid dat je maakt met je stembanden als je praat of zingt. De stem is het geluid dat ontstaat wanneer er lucht door het strottenhoofd (larynx) gaat. Bij het inademen vullen je longen zich met lucht. Wanneer je tijdens het spreken uitademt, gaat er lucht door de luchtpijp naar boven. De lucht die de keel binnenstroomt, komt eerst langs het strotte...

Lees verder
2002
2021-05-16
Lexicon voor de kunstvakken

Verklaringen van woorden die gebruikt worden in teksten over kunst.

stem

Stem is: 1) alg.: een door stemorgaan voortgebracht geluid dat kenmerkend is voor een persoon; 2) (drama): dramatisch instrument; 3) (muziek): zangstem, bijv. een bas (2); 4) (muziek): partij, bijv. de tweede stem, de melodie- of baspartij.

2001
2021-05-16
Begrippenlijst drama

Nationaal expertisecentrum leerplanontwikkeling

Stem

Door stemorgaan voortgebracht geluid dat kenmerkend is voor een persoon (→) dramatisch instrument.

1973
2021-05-16
Oosthoek Encyclopedie

De Oosthoek is een Nederlandse encyclopedie die in verschillende uitvoeringen is verschenen

stem

v./m. (-men), 1. geluid dat het gevolg is van het trillen der stembanden (e) ; ook het vermogen om met die organen geluid voort te brengen: mijn — is weg (b.v. bij zware verkoudheid); 2. wijze van spreken: iemand aan zijn — herkennen; een — als een klok, die zeer ver klinkt; met betrekking tot het gebruik dat men op zeker ogenbli...

Lees verder
1954
2021-05-16
Medisch

Eerste Medisch Systematische Ingerichte Encyclopedie

Stem

vox, het geluid dat bij uitademing door de bijna gesloten stemspleet, door het trillen der stembanden ontstaat.

1952
2021-05-16
Frysk Wurdboek

Friesch woordenboek

Stem

s., stim(me), lûd (it); niet bij — zijn, it op it lûd hawwe; de — niet kunnen laten doordringen, it lûd net fuortkrije kinne; (bij stemming), stim.

1950
2021-05-16
Groot woordenboek der Nederlandse taal - 1950

Nederlands woordenboek (7e druk)

STEM

v. (-men), 1. geluid dat door de stemorganen in het strottenhoofd wordt voortgebracht; ook vermogen om met daartoe dienende organen geluid voort te brengen: vissen hebben geen stem; mijn stem is weg (b.v. bij zware verkoudheid); de grootte van de larynx bepaalt de soort van stem; al was hij op stem geweest, hij had toch niet...

Lees verder
1933
2021-05-16
Katholieke Encyclopaedie

25 delen, uitgegeven 1933-1939. Uitgeverij Joost van den Vondel te Amsterdam.

Stem

Het stemgeluid kan varieeren in hoogte en in sterkte. De hoogte wordt bepaald door het aantal trillingen per sec en hangt af van afmetingen en spanning der stemlippen en ademdruk. De sterkte wordt bepaald door den uitslag der stemlippen, die o.a. wordt bepaald door den ademdruk. Spreek- en zangstem ontstaan door hetzelfde mechanisme. Er zijn echter...

Lees verder
1928
2021-05-16
Wat is dat?

Wat is dat? Encyclopedie voor jongeren (1938).

Stem

Het stemorgaan en de bizonderheden der menselijke klankvorming zijn eerst sedert anderhalve eeuw bekend. De stembanden, die in het strottenhoofd liggen, worden door spieren min of meer gespannen en geraken door de aanblazing der uitademingslucht in trilling. Deze trilling weerklinkt in het zogenaamde aanzetstuk, de gehele keel- en mondholte, waardo...

Lees verder
1926
2021-05-16
Christelijke encyclopedie

Geschreven onder redactie van theoloog F.W. Grosheide, 1925-1931

Stem

De menschelijke stem. Bij ’t spreken worden in de lucht bepaalde trillingen opgewekt (elk geluid bestaat uit trillingen der luchtdeeltjes), die door den hoorder met zijn oor kunnen worden opgevangen. Wanneer spreker en hoorder aan een bepaald geluid of een opeenvolging van geluiden dezelfde beteekenis hechten, is mededeeling van gedachten la...

Lees verder
1916
2021-05-16
Oosthoek 1916

Nederlandse encyclopedie, uitgegeven van 1916-1925.

Stem

Stem - Het stemorgaan is in zijn bijzonderheden nog slechts anderhalve eeuw bekend. Ferrein (1741) was de eerste, die den oorsprong van het stemgeluid aan de trillingen der stembanden toeschreef en de fijnere bewegingen dezer orgaandeeltjes heeft men eerst in de 19de eeuw kunnen volgen, nadat Garcia (1854) den keelspiegel had uitgevonden en Oertel...

Lees verder
1898
2021-05-16
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Stem

Stem - v. (-men), vermogen van dieren en menschen om een geluid door de keel voort te brengen, keelgeluid, klank: visschen hebben geene stem; de stemmen der vogelen; — inz. de stem der menschen: met luider stemme roepen, zeer hard; — zijne stem verheffen, laten zakken, harder, zachter spreken ; — eene heldere, doffe, zwakke, fij...

Lees verder
1870
2021-05-16
Winkler Prins 1870

Nederlandse encyclopedie

Stem

Stem (De) is het geluid, hetwelk menschen en hoogere dieren voortbrengen, wanneer zij de lucht met eenige kracht door het strottenhoofd drijven. Dit laatste is met zijne stembanden en spieren daartoe uitstekend geschikt, terwijl men door middel van die deelen den aard en de hoogte van het stemgeluid wijzigen kan. Door den in trilling gebragten luch...

Lees verder