Wat is de betekenis van steiger?

2019
2022-07-07
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

steiger

steiger - Zelfstandignaamwoord 1. (waterstaat), (scheepvaart) een vaak houten constructie die het water insteekt en waaraan een boot kan afmeren Het jacht ligt nu veilig aan de steiger afgemeerd. 2. (bouwkunde) een tijdelijke constructie van palen en werkplateaus die bouwvakkers een werkvl...

Lees verder
2018
2022-07-07
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

steiger

steiger - zelfstandig naamwoord uitspraak: stei-ger 1. houten aanlegplaats voor schepen ♢ vader meerde de boot af aan een steiger 1. iets in de steigers zetten [het voorbereiden] ...

Lees verder
1952
2022-07-07
Frysk Wurdboek

Friesch woordenboek

Steiger

s., ste(i)ger; een — maken, ste(i)gerje.

1950
2022-07-07
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Nederlands woordenboek (7e druk - 1950)

STEIGER

m. (-s), 1. (gew.) trap, bordes; 2. houten samenstel dat tijdelijk opgericht wordt bij het bouwen of herstellen van huizen: een steiger oprichten, afbreken; een vliegende steiger, soort van steiger, door huisschilders veel gebruikt, die aan de dakgoot opgehangen wordt en daarlangs voortbewogen kan worden; 3. houten getimmerte langs ee...

Lees verder
1949
2022-07-07
De Kleine Winkler Prins

Kleine Winkler Prins van A-Z

Steiger

(1) (waterbouwkunde) is een constructie van houten of gewapend betonnen palen of ijzeren schroefpalen, onderling goed gekoppeld en afgedekt met een meestal houten vloer, uitgebouwd aan de oever van een rivier, kanaal of haven of in zee tot het daaraan aanleggen van schepen; (2) in de bouwkunde (steigerwerk) hulpconstructie, die wordt opgericht ten...

Lees verder
1937
2022-07-07
Koenen woordenboek 1937

M. J. Koenen's Verklarend handwoordenboek

steiger

m. -s, steigertje; aanlegplaats op palen voor schepen; steigerschuit met daarop rustende brug; stellage langs huizen enz. om te bouwen enz., metselstellage.

1898
2022-07-07
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

STEIGER

STEIGER - m. (-s), aanlegplaats (op paalwerk) voor schepen ; — steigerschuit met daarop rustende brug; — stellage, stelling in de hoogte, om huizen te kunnen bouwen of herstellen: een steiger oprichten, afbreken; — een vliegende steiger, eene soort van steiger, door huisschilders veel gebruikt, die aan de dakgoot opgehangen word...

Lees verder