2019-11-20

Staaf

In schijflopen en lantaarnwielen aangebrachte houten staven, die aan de uiteinden zijn voorzien van een vierkante pen. Veelal gemaakt van palmhout, bolletrie of azijnhout. Staven kunnen acht maal worden gekeerd alvorens ze geheel moeten worden vervangen.

2019-11-20

staaf

staaf - Zelfstandignaamwoord 1. een massieve langwerpige min of meer cilindervormige stang of balk Hij sloeg de vrouw met een staaf. staaf - Werkwoord 1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van staven ♢ Ik staaf 2. gebiedende wijs van staven staaf! 3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van staven

  • 2019-11-20

    Staaf

    Zie Gustaaf

    2019-11-20

    staaf

    staaf - zelfstandig naamwoord 1. lang en dun voorwerp, rond of plat ♢ hij verdedigde zich met een ijzeren staaf Zelfstandig naamwoord: staaf de staaf de staven het staafje

    2019-11-20

    Staaf

    Staaf - zie Baar.

    2019-11-20

    Staaf

    zie Baar.