Wat is de betekenis van spoedig?

2019
2021-01-26
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

spoedig

spoedig - Bijvoeglijk naamwoord 1. snel voltooid Ik wenste hem een spoedig herstel. spoedig - Bijwoord 1. binnen een kort tijdsbestek Uw bestelling zal zo spoedig mogelijk opgestuurd worden. Woordherkomst Afgeleid van spo...

Lees verder
2018
2021-01-26
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

spoedig

spoedig - bijwoord uitspraak: spoe-dig 1. binnen korte tijd ♢ we zullen spoedig iets laten horen Bijwoord: spoe-dig Synoniemen binnenkort, eerdaags, gauw, weldra Tegenstellingen later

Lees verder
1973
2021-01-26
Oosthoek Encyclopedie

De Oosthoek is een Nederlandse encyclopedie die in verschillende uitvoeringen is verschenen

spoedig

bn. en bw. (-er, -st), 1. met voortvarendheid geschiedend; 2. binnen korte tijd plaatsvindend: een — antwoord.

Lees verder
1950
2021-01-26
Dikke Van Dale

Nederlands woordenboek (7e druk)

SPOEDIG

bn. bw. (-er, -st), 1. met voortvarendheid geschiedend, binnen korte tijd plaats vindend: spoedige afdoening; een spoedig antwoord; spoedige hulp verlenen: ten spoedigste, met de meeste spoed. 2. met snelle voortgang, binnen korte tijd: spoedig iets af maken; spoedig vertrekken, terugkomen; spoedig antwoorden; —...

Lees verder
1898
2021-01-26
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Spoedig

Het begrip spoedig heeft 2 verschillende betekenissen: 1. spoedig - SPOEDIG - bn. bw. (-er, -st), SPOEDIGLIJK, bw. (w. g.) haastig, ijlend, gezwind : spoedig iets afmaken; spoedig vertrekken, terugkomen; snel: spoedig antwoorden; spoedig werkende geneesmiddelen; spoedige hulp verleenen; ten spoedigste, met den meesten spoed. SPOEDIGHEID, v. (w. g.)...

Lees verder
1864
2021-01-26
Beknopt kunstwoordenboek

Beknopt kunstwoordenboek, I.M. Calisch (1864)

spoedig

spoedig - voortvarend, vlug