Wat is de betekenis van Spel?

2026-01-25
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Van Dale Uitgevers (1950)

SPEL

o. (-en, in sommige bet. (10., 12., 15.) -len), 1. vrolijke of opwekkende bezigheid tot vermaak of ontspanning, inz. een ontspanning die aan zekere regels is gebonden : de spelen der kindsheid; — als vertoning: brood en spelen ; — als manifestatie en w edstrijd: de Olympische spelen; — spel dat door het geluk...

Wil je de volledige toegang tot alle 20 resultaten?

Word vriend

Of oriënteer eerst en blader door onze categorieën


Studenten en medewerkers van onderstaande onderwijsinstellingen hebben gratis toegang

Universiteit Leiden University of Amsterdam Universiteit Utrecht
2026-01-25
Woordenboek van Populair Taalgebruik

Marc De Coster (2020-2025)

spel

1) (1950) (inf. Vlaanderen) mannelijk of vrouwelijk geslachtsorgaan. Syn.: spellement*. • Spel. het mannelijk of vrouwelijk schaamdeel (L. Lievevrouw-Coopman: Gents Woordenboek. 1950) • (H. Mullebrouck: Vlaamse volkstaal. 1984) • Spel. 'Hij lig mee zijn spel bluut.' Mannelijk schaamdeel. (Edmond Cocquyt: Nieuw Gents Idioticon. 1995...