Wat is de betekenis van Shit?

2022
2022-07-04
vindpunt

Vindpunt.nl

shit

(zelfstandig naamwoord) [alg.] vuil, stront, schijt, drijt, drek, derrie; bagger, blubber, troep - Na haar kritische opmerking kreeg ze op sociale media toch een hoop drek over zich heen! [problemen] sores, rotzooi, rottigheid, narigheid, misère, miserie, kommer en kwel, gedoe, ellende - Nadat hij de rottigheid in zijn jeugd had verwerk...

Lees verder
2020
2022-07-04
Woordenboek van Populair Taalgebruik

Geschreven door Marc De Coster. Uitgegeven op Ensie in 2020.

shit

1) (1970) (Eng.) (drugs) wellicht de populairste slangterm voor hasj of heroïne. Ook gebruikt voor drugs in het algemeen. • Heb je soms van die Columbiaanse shit gerookt? (Hans Plomp: Het Amsterdams Dodenboekje. 1970) • Zelfgemaakte stuff, home made shit, die per melkfles verkocht werd. (Johnny van Doorn: Mijn kleine hersentjes. 197...

Lees verder
2019
2022-07-04
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

shit

shit - Zelfstandignaamwoord 1. (vulgair) rommel, ellende, iets onaangenaams Wat voor shit is dat nou weer! shit - Tussenwerpsel 1. (vulgair) een uitroep van ergernis Shit! Ik heb een onvoldoende! Woordherkomst Leenwoord u...

Lees verder
2018
2022-07-04
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

shit

shit - zelfstandig naamwoord 1. onverteerd voedsel dat via je anus naar buiten komt ♢ verdorie, ik heb in de shit getrapt! 1. shit happens [ellende gebeurt nu eenmaal] Zelfstandig naamwoord: s...

Lees verder
2017
2022-07-04
Junkies en dealers

Jargon & Slang van Junkies en dealers

Shit

Shit - (Eng.) hasj; heroïne.

1999
2022-07-04
Woordenboek van Neologismen

Geschreven door Marc de Coster ©

Shit

Shit - (Eng.), uitroep of krachtterm om zijn ongenoegen of minachting mee uit te drukken: vreselijk; heel erg. Vooral jeugdtaal Wie is daar, vroeg Lea en shit, ik wist het wel, politie. René Stoute: Uit het achterland, 1985 Als grote winnaar in de krachttermpopulariteitspollen van de twee groepen (Nederlanders en Engelsen) kwam het woord ‘shit’ te...

Lees verder
1998
2022-07-04
Woordenboek van populaire uitdrukkingen

Marc De Coster ©, 1998

Shit

1 als uitroep of krachtterm gebruikt om zijn ongenoegen of minachting mee uit te drukken: vreselijk; heel erg. In jeugdige kringen ook wel dikke shit. Eigenlijk gaat het om een eigentijdse variant van het veel oudere kut. In de hitparade van krachttermen staat het Engelse woord (letterlijk ‘stront’, maar overdrachtelijk ook voor ‘rommel, rotzooi’,...

Lees verder
1997
2022-07-04
Vloeken

Prof. dr. P.G.J. van Sterkenburg: Vloeken, een cultuurbepaalde reactie op woede, irritatie en frustratie (SDU, 2001).

shit

Wie het Engelse betekenisprofiel van dit woord beziet, is op zijn minst verrast door het bonte spel der betekenissen, want naast de scatologische betekenis is er nog al wat relatie met de drugswereld. Concreter, het woord wordt ook gebruikt ter aanduiding van hasj, heroine en marihuana. Overigens worden ook voor ‘namaakhasj’ (gedroogde)...

Lees verder
1994
2022-07-04
Vreemde woorden

Woordenboek vreemde woorden

Shit

[Eng. = uitwerpselen, stront; vgl. Ned. schijt] I zn 1 trommel, rotzooi; 2 geleuter, onzin; 3 hasjiesj (z.a.), cannabis, heroïne; II tw 1 uitroep om afkeer of minachting uit te drukken; ook, gelul!; ook. klote! verdomme! (vgl. Fr. merde).

Lees verder
1993
2022-07-04
Vreemd Nederlands

Jan Meulendijks

Shit

uitroep van afkeer; rotzooi; hasjiesj