2019-07-20

Rijksdag

De naam van het Duitse parlement van 1871-1942. Tijdens het Tweede Duitse Keizerrijk (1871-1918) werd de Rijksdag met algemeen mannenkiesrecht gekozen. De invloed was toen zeer beperkt, omdat de rijkskanselier niet zozeer het vertrouwen van de politieke partijen als wel van de keizer nodig had om te kunnen regeren. De Rijksdag was slechts een grondwettelijke façade. Onder de Weimar-republiek (1919-33) was de Rijksdag veel meer een volwaardig parlement, gekozen volgens algemeen kiesrecht, zowe...

Lees verder
2019-07-20

Rijksdag

Rijksdag - m. (-en), (in sommige staten) vergadering waarop de vorst, de rijksgrooten, ook wel de vertegenwoordigers van den geestelijken en van den derden stand bijeenkomen, om ’s lands belangen te behandelen ; (in sommige staten) de kamers der vertegenwoordigers ; ...ENTREPÔT, o. (-s), publiek entrepôt ; ...GEBIED, o. zoover het rijk zich uistrekt ; ...GEBOUW, o. (-en), gebouw, aan het rijk toebehoorende; ...GESTICHT, o. (-en), (in ’t algem.) een gesticht dat door het rijk onderhouden wo...

Lees verder
2019-07-20

Rijksdag

Rijksdag (De) is in vele Staten de vergadering van rijksgrooten en volksvertegenwoordigers en komt in het algemeen overeen met die, welke men elders met den naam van Parlement of Kamers bestempelt. Men heeft den naam van Rijksdag behouden in het Duitsche Rijk, in de Oostenrijk-Hongaarsche Monarchie, in Zweden en in Denemarken. Elders geeft men aan die vergadering ook wel den naam van Landdag.

2019-07-20

Rijksdag

Rijksdag - in het vroegere Duitsche rijk de vergaderingen der rijksstenden ; thans de naam van de volksvertegenwoordiging van den NoordDuitschen Bond, sedert 1871 van het Duitsche Rijk, 1871 382, sedert 1874 397 leden, volgens alg. kiesr. in enkelv. distr. gekozen. In 1917 werd voor ’t vervolg het aantal uitgebreid ; de Revolutie van 1918 deed dit te niet, maar de nieuwe Rijksgrondwet noemt weder de volksvertegenw. R. in zeer groote distr., naar een evenredigheidstelsel gekozen, ruim 500 leden...

Lees verder