Wat is de betekenis van Redeloos?

1973
2022-10-01
Oosthoek Encyclopedie

Nederlandse encyclopedie

redeloos

bn. en bw. (-lozer, meest), 1. niet met rede begaafd: het redeloze vee; 2. blijkgevend van onverstand: redeloze vooroordelen; (in sterker opvatting) dwaas, onzinnig: hij kan zo echt redeloos te werk gaan; 3. niet naar rede luisterend, uitzinnig: het volk was redeloos.

Lees verder
1950
2022-10-01
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Nederlands woordenboek (7e druk - 1950)

Redeloos

bn. bw. (...lozer, -t of meest —), 1. niet met rede begaafd: het redeloze vee; 2. zijn verstand niet gebruikend of niet naar rede luisterend: het volk was redeloos; zo echt redeloos kan hij te werk gaan.

Lees verder
1937
2022-10-01
Koenen woordenboek 1937

M. J. Koenen's Verklarend handwoordenboek

redeloos

bn.; redelozer, redeloost (zonder verstand): het redeloze vee; fig. onzinnig: het volk was (1672).

1930
2022-10-01
Jozef Verschueren

Modern Woordenboek (1930-1961)

redeloos

('re:dəlo:s) bn. en bw. (...lozer, -t) 1. zonder rede, zonder verstand : het ...loze vee.Tgst. redelijk. 2. van het gezond verstand beroofd : het volk was -.

Lees verder
1898
2022-10-01
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Redeloos

Redeloos - bn. bw. (...loozer, -t), zonder rede, verstand: het redelooze vee; — van zijn gezond verstand beroofd: het volk was redeloos; — zoo echt redeloos kan hij te werk gaan. REDELOOSHEID, v. gebrek aan verstand, domheid.

Lees verder

Gerelateerde zoekopdrachten