Wat is de betekenis van record?

2022
2023-01-28
vindpunt

Vindpunt.nl

record

(zelfstandig naamwoord) (bestands)element, tabelregel, bestandsregel plaat, geluidsopname archiefstuk, dossier

Lees verder
2018
2023-01-28
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

record

record - zelfstandig naamwoord uitspraak: re-koor 1. de beste prestatie die ooit geleverd is, het hoogste ♢ hij liep een record op de 100 meter 1. een record breken [het beter doen dan ooit]...

Lees verder
2016
2023-01-28
Cijfers spreken

Cijfers spreken

record

Rij in een datamatrix; zo'n rij bevat de serie meetwaarden van één object.

2009
2023-01-28
Golfsportwoordenboek

Golfsportwoordenboek door Jan Luitzen

record

(het; -s) SP - het hoogste wat, de beste prestatie die (onder officiële controle) tot op zeker ogenblik op (een) sportgebied bereikt is, bv. op een sportcomplex (baanrecord), in Nederland (Nederlands record), tijdens Europese kampioenschappen (Europees record), tijdens wereldkampioenschappen (wereldrecord) of tijdens Olympische Spelen (Olympisch re...

Lees verder
2009
2023-01-28
Wielersportwoordenboek

Wielersportwoordenboek door Jan Luitzen ©

record

(het; -s) SP - het hoogste wat, de beste prestatie die (onder officiële controle) tot op zeker ogenblik op (een) sportgebied bereikt is, bv. op een sport complex (baanrecord), in Nederland (Nederlands record), tijdens Europese kampioenschappen (Europees record), tijdens wereldkampioenschappen (wereldrecord) of tijdens Olympische Spelen (olympisch r...

Lees verder
2008
2023-01-28
Atletiek- en turnwoordenboek

Atletiek- en turnwoordenboek door Jan Luitzen

record

(het; -s) SP - het hoogste wat, de beste prestatie die (onder officiële controle) tot op zeker ogenblik op (een) sportgebied bereikt is, bv. op een sportcomplex (baanrecord), in Nederland (Nederlands record), tijdens Europese kampioenschappen (Europees record), tijdens wereldkampioenschappen (wereldrecord) of tijdens Olympische Spelen (Olympisch re...

Lees verder
2001
2023-01-28
Internet woordenboek

Uitgave 2001 [draft]

record

Groep bij elkaar horende gegevens in een database.

1994
2023-01-28
Vreemde woorden

Woordenboek vreemde woorden

Record

[Eng.] 1 (comp.) verzameling ongelijksoortige, maar bij elkaar behorende gegevens in een database of programmeertaal; 2 geluidsopname.

Lees verder
1993
2023-01-28
Vreemd Nederlands

Jan Meulendijks

Record

(rekord) het hoogste; topprestatie op enig moment; stel bijeenhorende gegevens in een bestand (comp.)

1990
2023-01-28
BDI

BDI terminologie

record

in automatisering: een groep logisch bij elkaar behorende gegevens die als eenheid wordt opgeslagen en bewerkt (bijvoorbeeld een bibliografische beschrijving met bijbehorende ingangen). - logisch record.

Lees verder
1988
2023-01-28
Klein hotelvademecum

Klein hotelvademecum

Record

Archief/dossier (zie ook: File).

1985
2023-01-28
Encyclopedie van Noord Brabant

Anton van Oirschot (1985-1986)

RECORD

enkele opvallende en originele records, gevestigd in Noord-Brabant en vermeld in het Guinness Book of Records, zijn: het paté-record, behaald op de Paasveetentoonstelling te Den Bosch op 30 en 31 maart 1985; de paté had een lengte van 20,3 meter, woog 1193 kg en was gemaakt van 300 kg varkenslever en 700 kg kinnebakspek in 170 mensure...

Lees verder
1985
2023-01-28
Woordenboek automatisering

Henk Biemond - 1985

Record

Record (1) Een aantal bij elkaar behorende gegevens of woorden, die als een eenheid worden behandeld. (2) Een eenheid voor gegevenstransmissie volgens de recordwerkwijze. Een record vertegenwoordigt een hoeveelheid gegevens, die een zendend knooppunt op een bepaald ogenblik verzendt (ACF/VTAM).

Lees verder
1973
2023-01-28
Oosthoek Encyclopedie

Nederlandse encyclopedie

record

[Fr.], o. (-s), 1. (sport) het hoogste dat, de beste prestatie die (onder officiële controle) tot op een bepaald ogenblik op een bepaald gebied bereikt is; ook de formule die die prestatie uitdrukt: een record maken, vestigen, op zijn naam brengen, het snelst een bepaalde afstand afleggen enz.; een record breken, slaan, verbeteren, een nog bet...

Lees verder
1963
2023-01-28
Surinaams woordenboek

J. van Donselaar

record

(de, -s), (gebr. in Nickerie) grammofoonplaat. - Etym.: Van E re’cord = o.m. id.

Lees verder
1955
2023-01-28
Vreemd woordenboek

Vreemde woorden woordenboek

Record

het hoogste, het sterkste wat in een sport, een kunst, enz. tot op een gegeven ogenblik bereikt is; het record slaan: het tot dusver bekende overtreffen; officieel afschrift.

1952
2023-01-28
Frans woordenboek (FR-NL) 1950

Dr. F.P.H. Prick van Wely

Record

record; record mondial, wereldrecord.

1951
2023-01-28
Woordenboek Engels (EN-NL) 1951

Dr. F.P.H. van Wely

record

1. aan-, optekenen, aangeven, registreren; opnemen [op gramofoonplaat]; vastleggen, boekstaven, melding maken van, vermelden, verhalen; uitbrengen [zijn stem]; recorded music, gramofoonmuziek. 2. aan-, optekening; gedenkschrift, (historisch) document, officieel afschrift; gedenkteken, getuigenis [v. het verleden]; staat van dienst; verleden; record...

Lees verder
1950
2023-01-28
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Nederlands woordenboek (7e druk - 1950)

Record

(<Eng.), o. (-s), (sport) het hoogste wat —, de beste prestatie die tot op zeker ogenblik op zeker gebied bereikt is: het record staat op 57 3/4 minuut; het record van 250 km per uur ; een record maken, op zijn naam brengen, het snelst zekere afstand afleggen enz. ; —een record slaan, verbeteren, een nog betere prestatie leveren ; &m...

Lees verder
1948
2023-01-28
Spaans woordenboek (SP-NL) 1948

Dr. C.F.A. van Dam

record

m. (pr. recor) record; batir el record, het record slaan.