2019-11-16

realiseren

realiseren - regelmatig werkwoord uitspraak: re-a-li-se-ren 1. het (volgens plan) maken of doen ♢ hij heeft die droom toch maar gerealiseerd 2. het je bewust zijn, het in de gaten hebben ♢ hij realiseerde zich niet wat voor indruk hij maakte Regelmatig werkwoord: re-a-li-se-ren ik realiseer

2019-11-16

realiseren

verwezenlijken, bewerkstelligen, tot stand brengen; te gelde maken, inz. papier, effecten enz.; begrijpen, voelen.