Wat is de betekenis van Raam?

2025-12-11
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Van Dale Uitgevers (1950)

Raam

I. RAAM o. (ramen), 1. omsluitend samenstel van vaste delen dat strakheid of stevigheid moet geven aan een voorwerp of tot grondslag dienen voor zijn verdere constructie: bijenkastje waarin de raten ingebouwd zijn in raampjes die uitneembaar zijn; kippengaas op houten ramen ; — het raam van een weeftoestel; — sc...

2025-12-11
Nederlandstalige WikiWoordenboek

Wiktionary (2019)

Raam

Raam - Eigennaam 1. (toponiem: rivier) rivier in Noord-Brabant Kronkelend stroomt de Raam van de Peel naar Grave. Zie ook raam

2025-12-11
Muiswerk Educatief

Muiswerk Educatief (2017)

raam

raam - zelfstandig naamwoord 1. uitsparing in muur met glas erin ♢ ik keek door het raam naar buiten 2. lijst van hout ♢ zij spande het kleed op een raam Zelfstandig naamwoord: raam ...

2025-12-11
Jargon & Slang van Prostituees en pooiers

Marc De Coster (2017)

Raam

Raam - het raam doen, achter het raam werken: als raamprostituée werkzaam zijn. Vgl. Fr. faire la fenêtre, la quitourne.

2025-12-11
Dromen encyclopedie

Fink (1998)

Raam

Het raam houdt verband met het huis (zie ‘Huis’) en met ons open of gesloten wezen. Ramen kunnen ook op openingen van ons lichaam wijzen. (Zie ook ‘Deur’).

2025-12-11
Woordenboek van populaire uitdrukkingen

Marc de Coster (1998)

Raam

in de ramen hebben in de gaten hebben. Bargoense uitdr. die we, eigenaardig genoeg, niet terugvinden bij Endt en Frerichs. Syn. in de smiezen hebben. ... die had een paar stukkies blauw lake gehandeld (lood gestolen) en ze hadde ’m in de rame. (Justus van Maurik: Toen ik nog jong was, 1901)

2025-12-11
Vloeken lexicon

Prof. dr. P.G.J. van Sterkenburg (1997)

raam

De verwensing drie hoog het raam uit! roept letterlijk ongeluk af over degene op wie men boos is geworden. De emotionele betekenis is ‘ik veracht je’.

2025-12-11
Art & Architecture Thesaurus

Getty Research Institute (1990)

raam

raam - Die delen van vensters waarin de lichtdoorlatende delen zijn gevat. Als de lichtdoorlatende delen van glas zijn worden ze 'ruiten (architecturale elementen)' genoemd. De delen waarin de ramen gevat zijn worden 'raamkozijnen' genoemd.

2025-12-11
Germanismen in het Nederlands

Dr. S. Theissen (1978)

Raam

‘In het raam van het regeerakkoord...’ (Het Laatste Nieuws, 12.10.72,p. 3) Tot in de jaren ’50 werd de figuurlijke betekenis van raam, bijv. in ‘in, binnen het raam van’, als een germanisme (D. ‘Rahmen’) beschouwd voor ‘in het kader van’. Maar zelfs van puristische zijde moest men toegeven, dat...

2025-12-11
Zuid-afrikaans woordenboek

H.J. Terblanche - M.A., D. Litt

raam

rame, lys (skildery); hout-, ysteromlysting (vensterruite); venster(raam); geraam, skat; raam om iets sit.

Wil je toegang tot alle 20 resultaten?

Ja, ik word vriend van Ensie!
2025-12-11
Frysk Wurdboek (Friesch woordenboek)

Fa. A.J. Osinga (1952)

Raam

s.n., ramt (it); (venster), finster (it), rút (it).