Wat is de betekenis van Puur?

2026-10-12
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Van Dale Uitgevers (1950)

Puur

(<Fr.-Lat.), bn. bw., 1....

2026-10-12
Muiswerk Educatief

Muiswerk Educatief (2017)

puur

puur - bijvoeglijk naamwoord 1. geen namaak ♢ dit is puur...

2026-10-12
Kuifje in Vlaanderen

Michel Uyen

puur

demagoog van het puurste (zuiverste) water

2026-10-12
Zuid-afrikaans woordenboek

H.J. Terblanche - M.A., D. Litt

puur

gepuur, suiwer; uitsuig.

2026-10-12
De vreemde woorden

Fokko Bos, Dr. O. Noordenbos (1955)

Puur

zuiver, onvervalst; bloot, enkel, louter.

2026-10-12
Frysk Wurdboek (Friesch woordenboek)

Fa. A.J. Osinga (1952)

Puur

adj. & adv., klear, klearebare, Iotter, ûnformongen, skjin;...

2026-10-12
Kramers woordentolk

Jacon Kramers Jz (1948)

puur

rein, zuiver, onvervalst; onvoorwaardelijk; bloot, enkel, louter.

2026-10-12
Verklarend handwoordenboek der Nederlandse taal

M. J. Koenen's (1937)

puur

bn., bw. (Fr....

2026-10-12
Vreemde woordenboek

S. van Praag (1937)

puur

zuiver.

2026-10-12
Modern Woordenboek

Jozef Verschueren (1930)

puur

(pu:r) [Fr. < Lat....

2026-10-12
Oosthoek Encyclopedie

Oosthoek's Uitgevers Mij. N.V (1916-1925)

puur

[Lat.], bn. en bw., 1....

2026-10-12
De vreemde woorden

Fokko Bos (1914)

puur

puur - zuiver, onvervalscht; bloot,enkel, louter.

‘Puur’ komt ook voor in deze premiumwerken

Bekijk het volledige resultaat via het betreffende premiumwerk.