Wat is de betekenis van pontificaal?

2018
2021-09-17
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

pontificaal

pontificaal - bijvoeglijk naamwoord uitspraak: pon-ti-fi-caal 1. plechtig en nadrukkelijk ♢ hij ging pontificaal vooraan zitten Bijvoeglijk naamwoord: pon-ti-fi-caal ... is pontificale dan ...

Lees verder
1994
2021-09-17
Vreemde woorden

Woordenboek vreemde woorden

Pontificaal

[Lat. pontificalis] I zn (hogepriesterlijk) plechtgewaad; (gemeenzaam) beste pak; II bn hogepriesterlijk, bisschoppelijk; pontificale mis, mis door bisschop plechtig gecelebreerd.

Lees verder
1993
2021-09-17
Vreemd Nederlands

Jan Meulendijks

Pontificaal

(pontifikaal) staatsiegewaad van paus of bisschop; opperpriestelijk; beste pak

1955
2021-09-17
Vreemd woordenboek

Vreemde woorden woordenboek

Pontificaal

priesterlijk, bisschoppelijk.

1950
2021-09-17
Groot woordenboek der Nederlandse taal - 1950

Nederlands woordenboek (7e druk)

Pontificaal

(<Lat.), I. bn., opperpriesterlijk, bisschoppelijk, pauselijk ; een pontificale mis, mis waarbij de dienst door een bisschop verricht wordt; II. zn. o., 1. staatsiegewaad van paus of bisschop; 2. (volkst.) beste pak, pronkgewaad: ze waren allen in pontificaal; 3. boek dat de bisschoppelijke liturgie bevat.

Lees verder
1948
2021-09-17
Kramers woordentolk

Vreemde woorden, uitdrukkingen en afkortingen (1948)

pontificaal

1 aj. priesterlijk; hogepriesterlijk, bisschoppelijk; 2 o. pauselijk of bisschoppelijk plechtgewaad; 3 fig. staatsiekleed; beste pak.

1864
2021-09-17
Beknopt kunstwoordenboek

Beknopt kunstwoordenboek, I.M. Calisch (1864)

pontificaal

pontificaal - o. gmv. priestergewaad