Wat is de betekenis van Pomperij?

1973
2022-12-09
Oosthoek Encyclopedie

Nederlandse encyclopedie

pomperij

v., (gew.) ijdele, wereldse pracht en praal: verzaken aan de duivel en zijn pomperijen.

1950
2022-12-09
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Nederlands woordenboek (7e druk - 1950)

Pomperij

(<OFr.), v., (Zuidn.) ijdele, wereldse pracht en praal: verzaken aan de duivel en zijn pomperijen.

1937
2022-12-09
Koenen woordenboek 1937

M. J. Koenen's Verklarend handwoordenboek

pomperij

v. pomperijen (verlokking, praalvertoning): den duivel en zijn pomperijen verzaken; vero.

1930
2022-12-09
Jozef Verschueren

Modern Woordenboek (1930-1961)

pomperij

(pomp…ôrij) v. (-en) [Fr. pompe < Lat. pompa] Veroud. praal, pracht, verlokking : de duivel en zijn -en verzaken.

1898
2022-12-09
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Pomperij

Pomperij - v. (Zuidn.) pracht, staatsie.