Wat is de betekenis van Pikdonker?

1952
2021-06-13
Frysk Wurdboek

Friesch woordenboek

Pikdonker

adj., ierde-, neil-, pik(ke), roettsjuster; het is —, it is pik(ke)nacht, neare nacht.

1950
2021-06-13
Groot woordenboek der Nederlandse taal - 1950

Nederlands woordenboek (7e druk)

Pikdonker

bn., stikdonker, zeer duister.

1919
2021-06-13
uitdrukkingen

Woorden en uitdrukkingen verklaard

Pikdonker

in zeer hooge mate donker, gevormd naar de analogie van pikzwart = zoo zwart als pik ; pik of pek, mnl. pek, uit lat, pix, gen. picis; het hgd. Pech is waarschijnlijk later door ons overgenomen, (door studenten ?) In het hgd. Fichte heeft men misschien dezelfde stam, doch niet ontleend, maar uit het indogerm. = de pik- of harstrijke boom. Bij Wolff...

Lees verder
1898
2021-06-13
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Pikdonker

Pikdonker bn. stikdonker, zeer duister.