Synoniemen van Paspoort

pas
2019-10-21

Paspoort

Een paspoort is een officieel document dat de houder ervan identificeert als burger van een bepaald land en geldig is in alle landen van de wereld. Het reisdocument is binnen Nederland ook geldig als legitimatiebewijs. In Nederland kan iedereen van 18 jaar en ouder een paspoort aanvragen bij de gemeente. Jongeren onder de 18 moeten schriftelijke toestemming vragen aan hun ouders. Het paspoort bestaat uit 34 bladzijden. Op deze pagina's worden de stempels gezet bij het in- en uitreizen van een la...

2019-10-21

Paspoort

Een paspoort is een persoonsgebonden document in de vorm van een boekje, waarmee de burger zich kan identificeren en waarmee na het zo nodig verkrijgen van visa, men rechtsgeldig het gebied van een ander land kan betreden. Het paspoort heeft een beperkte geldigheidsduur en wordt bij grenspassage geïnspecteerd. Iedere Nederlander moet zich kunnen identificeren. Dat kan met een paspoort, een identiteitskaart of een rijbewijs. Om misbruik van het paspoort te bestrijden worden aan de vervaardiging...

2019-10-21

Paspoort

Paspoort - ontslagbrief. Bij slecht gedrag was het een in rood uitgevoerd paspoort. Vandaar dus: met een rood paspoort weggestuurd worden. Het kon echter ook in goede zin bedoeld zijn: de soldaat kon gewoon uit de militaire dienst ontslagen worden. Zijn paspoort nemen: zijn ontslag nemen.

2019-10-21

Paspoort

Paspoort is de andere benaming voor een internationaal reispas.

2019-10-21

paspoort

paspoort - zelfstandig naamwoord uitspraak: pas-poort 1. document van de overheid met je foto, je naam en je geboortedatum ♢ als je geen paspoort hebt, mag je sommige landen niet binnen Zelfstandig naamwoord: pas-poort het paspoort de paspoorten Synoniemen pas

2019-10-21

Paspoort

Paspoort - o. (-en), bewijs om te mogen reizen, reispas; — inz. bewijs van ontslag uit den krijgsdienst enz.; een rood paspoort, een ongunstig; een blank paspoort, een gunstig; — iemands paspoort vragen (aan een landlooper, een onbekende enz.), naar zijne papieren van herkomst vragen; — (fig.) iem. zijn paspoort geven, ontslag uit den dienst; — zijn paspoort is al geschreven, onderteekend, bij het minste of geringste zal hij uit zijne betrekking ontslagen worden; — zijn paspoort onder...

2019-10-21

Paspoort

Paspoort - Bewijs van ontslag uit den krijgsdienst. (Zie ook onder VREEMDELING).

2019-10-21

Paspoort

Er zullen er niet veel onder jullie zijn, die in den tegenwoordigen tijd niet weten, wat een paspoort of kortweg een pas is; terwijl er niet velen van de ouderen zijn, die van 1871 tot 1914 ooit iets van een paspoort gemerkt hadden, tenzij dan in verhalen van weer ouderen. Want in dien tijd werden passen alleen voor zeer verre reizen naar onbeschaafde landen gebruikt. Nu is een pas weer iets gewoons. Steeds meer mensen brengen hun vacantie in het buitenland door en zij allen hebben een pas nodig...

2019-10-21

paspoort

paspoort - o., verlofbrief; brief van vrijgeleide; reisbrief in een vreemd land; brief, waarin men iemand zijn betrekking opzegt; „pasporteeren”: iemand uit een betrekking zenden.

2019-10-21

paspoort

paspoort - Door een overheid afgegeven, officiële documenten waarop de identiteit en het staatsburgerschap van individuen staan vermeld en waarmee burgers over de landsgrenzen kunnen gaan; tevens door andere landen afgegeven vergunningen tot het vervoeren van goederen en tot het reizen binnen dat land.

2019-10-21

paspoort

o. vrijgeleidebrief; ontslagbrief.