Wat is de betekenis van part?

2026-08-11
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Van Dale Uitgevers (1950)

Part

I. (<Fr.); o....

2026-08-11
Muiswerk Educatief

Muiswerk Educatief (2017)

part

part - zelfstandig naamwoord 1. wat kleiner is dan het...

2026-08-11
Vlaams-Nederlands woordenboek

Peter Bakema (2003)

part

- voor het grootste part, grotendeels. Gemiddeld zit zo'n...

2026-08-11
Vloeken lexicon

Prof. dr. P.G.J. van Sterkenburg (1997)

part

De elliptische verwensing je kunt voor mijn part! laat alle...

2026-08-11
Zuidnederlands Woordenboek

Walter De Clerck (1981)

part

I. Gedeelte, deel; - het grootste part, m....

2026-08-11
Watersport A-Z

Kramer en de Bruin (1971)

Part

Part - → Takel.

2026-08-11
Zuid-afrikaans woordenboek

H.J. Terblanche - M.A., D. Litt

part

deel, aandeel; streek, gril.

2026-08-11
Frysk Wurdboek (Friesch woordenboek)

Fa. A.J. Osinga (1952)

Part

s.n., part (it).

2026-08-11
Frans woordenboek (FR-NL)

Dr. F.P.H. Prick van Wely (1952)

Part

gedeelte, (aan)deel, part; kant, zijde; part à deux, samen...

2026-08-11
Prisma Frans-Nederlands

Unieboek | Het Spectrum (2025)

2026-08-11
Prisma Engels-Nederlands

Unieboek | Het Spectrum (2025)

2026-08-11
Prisma Duits-Nederlands

Unieboek | Het Spectrum (2025)

2026-08-11
Prisma Nederlands-Spaans

Unieboek | Het Spectrum (2025)

2026-08-11
Prisma Nederlands-Frans

Unieboek | Het Spectrum (2025)

2026-08-11
Prisma Nederlands-Engels

Unieboek | Het Spectrum (2025)

2026-08-11
Prisma Nederlands-Duits

Unieboek | Het Spectrum (2025)

2026-08-11
Prisma NL Sranantongo

Unieboek | Het Spectrum (2025)

2026-08-11
Prisma Nederlands Fries

Unieboek | Het Spectrum (2025)

2026-08-11
Prisma Fries Nederlands

Unieboek | Het Spectrum (2025)

2026-08-11
Prisma Groot Woordenboek Nederlands

Unieboek | Het Spectrum (2025)