Wat is de betekenis van overall?

2022
2022-10-07
vindpunt

Vindpunt.nl

overall

(bijvoeglijk naamwoord) [alg.] algeheel, overkoepelend, algemeen - De algehele toestand van de pati?nt is stabiel.

Lees verder
2020
2022-10-07
Algemeen Nederlands Woordenboek

Digitaal woordenboek van eigentijdse Nederlands

overall

Het begrip overall heeft 2 verschillende betekenissen: 1) werkpak aan één stuk. werkpak aan één stuk, vaak in een grove donkere stof, dat men bij het werken over de gewone kleding aantrekt om die te beschermen. 2) in het geheel bezien. in het geheel bezien; algeheel.

Lees verder
2018
2022-10-07
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

overall

overall - zelfstandig naamwoord uitspraak: o-ver-ol 1. werkpak uit één stuk ♢ hij deed een overall aan om zijn kleren te beschermen Zelfstandig naamwoord: o-ver-ol de overall de overalls...

Lees verder
1990
2022-10-07
Art & Architecture Thesaurus

Art & Architecture Thesaurus

overall

overall - Eendelige kledingstukken bestaande uit een broekachtig deel en een volledig bovenstuk met of zonder mouwen, dat ter bescherming over andere kledingstukken wordt gedragen. Gebruik 'tuinbroeken' voor eendelige kledingstukken bestaande uit een broek en een borststuk.

1973
2022-10-07
Oosthoek Encyclopedie

Nederlandse encyclopedie

overall

m. (-s) werkpak aan één stuk dat men over de gewone kleding bij het werken aantrekt.

1955
2022-10-07
Vreemd woordenboek

Vreemde woorden woordenboek

Overall

uit één stuk bestaand werkpak dat over de kleren heen gedragen wordt.

1952
2022-10-07
Frysk Wurdboek

Friesch woordenboek

Overall

s., oerstrûper, boksebaitsje (it).

1951
2022-10-07
Woordenboek Engels (EN-NL) 1951

Dr. F.P.H. van Wely

overall

I. (jongens)kiel, morskiel, -jurk, stof-, werkjas, jasschort; overalls, overbroek, werkbroek, werkpak, overall; II. als totaal.

Lees verder
1950
2022-10-07
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Nederlands woordenboek (7e druk - 1950)

Overall

(Eng.), m. (-s), werkpak aan één stuk dat men over de gewone kleding bij het werken aantrekt.

1948
2022-10-07
Kramers woordentolk

Vreemde woorden, uitdrukkingen en afkortingen (1948)

overall

(Eng.) lett.: over alles, kledingstuk, dat over de andere kleren gedragen wordt om vuil worden hiervan te voorkomen.