Opvatting
v. (-en), 1. het op een bep. manier beschouwen of beoordelen : zijn opvatting van de godsdienst; 2. mening, denkbeeld : men scheen die opvatting niet te delen; 3. uitlegging, betekenis die aan iets gehecht wordt: een verkeerde opvatting van het gebeurde ; 4. wijze waarop men zijn werk, zijn plichten enz. beschouwt: hij is ruim van opvatting.