Wat is de betekenis van opsparen?

2026-08-11
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Van Dale Uitgevers (1950)

Opsparen

(spaarde op, heeft opgespaard), bij elkander sparen: dat...

2026-08-11
Muiswerk Educatief

Muiswerk Educatief (2017)

opsparen

opsparen - regelmatig werkwoord uitspraak: op-spa-ren 1....

2026-08-11
Frysk Wurdboek (Friesch woordenboek)

Fa. A.J. Osinga (1952)

Opsparen

v., opsparje, -garje, -gearje, forgearje; (van geld), op ’e...

2026-08-11
Verklarend handwoordenboek der Nederlandse taal

M. J. Koenen's (1937)

opsparen

spaarde op, h. opgespaard (sparende bijeenbrengen, besparen).

2026-08-11
Modern Woordenboek

Jozef Verschueren (1930)

opsparen

('op) (spaarde op, heeft opgespaard) sparend opzamelen:...

2026-08-11
Oosthoek Encyclopedie

Oosthoek's Uitgevers Mij. N.V (1916-1925)

opsparen

(spaarde op, heeft opgespaard), 1. bij elkaar sparen: dat...

2026-08-11
Groot woordenboek der Nederlandsche taal

J.H. van Dale (1898)

Opsparen

Opsparen (spaarde op, heeft opgespaard), bij elkander...

2026-08-11
Prisma Nederlands-Spaans

Unieboek | Het Spectrum (2025)

2026-08-11
Prisma Nederlands-Frans

Unieboek | Het Spectrum (2025)

2026-08-11
Prisma Nederlands-Engels

Unieboek | Het Spectrum (2025)

2026-08-11
Prisma Nederlands-Duits

Unieboek | Het Spectrum (2025)

2026-08-11
Prisma Groot Woordenboek Nederlands

Unieboek | Het Spectrum (2025)

2026-08-11
Prisma Woordenboek Nederlands

Unieboek | Het Spectrum (2025)

2026-08-11
Woordenboek Nederlands - Marokkaans Arabisch

Jan Hoogland, Roel Otten | AUP Amsterdam Univerisity Press

Gerelateerde zoekopdrachten