Wat is de betekenis van opper?

2024-06-19
Prisma Groot Woordenboek Nederlands

Unieboek | Het Spectrum (2024)

2024-06-19
Algemeen Nederlands Woordenboek

Algemeen Nederlands Woordenboek (2009-heden)

opper

Het begrip opper heeft 4 verschillende betekenissen: 1) opperwachtmeester. opperwachtmeester in het leger of bij de politie. 2) opperman. assistent van een metselaar of van een stratenmaker die het opperwerk doet (die "oppert"), d.w.z. die stenen, kalk, zand e.d. aandraagt en verschillende voorbereidende of afrondende werkz...

2024-06-19
Woordenboek van Populair Taalgebruik

Marc De Coster (2020-2024)

opper

1) (17e eeuw) (mar. en sold.) aanspreektitel van een opperwachtmeester (afkorting hiervoor is: ow). • opper beteekend hooger: waar van, opperste, een opperkoopman: opperstuurman, ens. een opperste: een opperhoofd praefectus. (W.A. Winschooten: Seeman, behelsende een grondige uitlegging van de Neederlandse Konst, en Spreekwoorden.... die uit de...

2024-06-19
Jargon & Slang van Soldaten

Marc De Coster (2017)

Opper

Opper - afkorting van opperwachtmeester; ook naam van de sergeant­majoor.

2024-06-19
Watersport A-Z

Kramer en de Bruin (1971)

Opper

Opper - beschutting aan de hoge wal. Bij harde wind kan een jacht achter een eiland of dijk een oppertje zoeken.

2024-06-19
Zuid-afrikaans woordenboek

H.J. Terblanche - M.A., D. Litt

opper

hoop gerwe of hooi, geopper, te berde bring, aanvoer.

2024-06-19
Agrarisch Encyclopedie

Veerman (1954)

Opper

is een hoop hooi in het veld, die nog niet voldoende droog is om binnengehaald te worden. De grootte van een o. varieert naar de mate, waarin het hooi droog is. Kleine o. zet men bij minder gunstig hooiweer om natregenen te beperken en de aanraking met de stoppel te verkleinen. Bij gunstig weer spreidt men deze o. weer uit, bij ongunstig weer worde...

2024-06-19
Frysk Wurdboek (Friesch woordenboek)

Fa. A.J. Osinga (1952)

Opper

s., op(p)er.

Wil je toegang tot alle 17 resultaten?

Ja, ik word vriend van Ensie!
2024-06-19
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Van Dale Uitgevers (1950)

Opper

I. OPPER m. (-s), 1. hoop waartoe gemaaid en reeds gedroogd gras wordt opgestapeld om het gemakkelijk te kunnen binnenhalen: zodra de klaver droog is brengt men ze aan zulke grote oppers, dat vijf of zes daarvan een voer maken ; 2. (Zuidn.) schelf, mijt, tas. II. OPPER m. (-s), bovenswinds gelegen beschutting tegen de kracht van de wind...