Wat is de betekenis van Opdonder?

2020
2021-10-24
Woordenboek van Populair Taalgebruik

Geschreven door Marc De Coster. Uitgegeven op Ensie in 2020.

opdonder

(1904) (inf.) harde slag; klap. Ook psychisch. • Wel ja vader, geef 'm 'n opdonder... Als ie je wat terug doet, zal ik je helpen... (Bernard Canter: Kalverstraat. 1904) • Meesterlijk! Van zulke rake prenten konden er niet genoeg gedrukt en verspreid worden. Die deden meer dan alle proclamaties en nachtvergaderingen. Van zulke opdonders m...

Lees verder
1973
2021-10-24
Oosthoek Encyclopedie

Nederlandse encyclopedie

opdonder

m. (-s), opstopper, vuistslag: iemand een — geven; (fig.) harde klap.

1950
2021-10-24
Groot woordenboek der Nederlandse taal - 1950

Nederlands woordenboek (7e druk)

Opdonder

m. (-s), (plat) opstopper, vuistslag; iem. een opdonder geven, verkopen.

1898
2021-10-24
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Opdonder

Opdonder m. (-s), (plat) opstopper, vuistslag; iem. een opdonder geven, verkoopen.