Wat is de betekenis van Oort?

1964
2021-07-28
voornamen

Voornamenboek

Oort

I.m -> Oord. II. oort- 'Punt, speerpunt, speer". Vgl. Ndl. oord 'streek', uit de betekenisontwikkeling 'speerpunt, punt van andere voorwerpen (vgl. de dialectische betekenissen 'punt van een mes, van een ploegschaar"), uiteinde, grens, rand, kant, zoom, hoek, hoek van een stuk land, een stuk land, streek'...

Lees verder
1898
2021-07-28
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Oort

Oort o. (-en), (veroud. Zuidn.) het vierde deel van een stuiver, twee duiten, (ook) het koperen geldstukje van die waarde; — (spr.) hij kijkt of hij zijn laatste oortje versnoept heeft, hij zet een bedremmeld gezicht; — hij zou een oortje in vieren bijten, hij is zeer vrekkig; — die voor ’t oortje geboren is, zal tot den s...

Lees verder
1870
2021-07-28
Winkler Prins 1870

Nederlandse encyclopedie

Oort

Oort (Henricus), een verdienstelijk Nederlandsch godgeleerde, geboren te Eemnes Buiten den 27sten December 1836, studeerde te Leiden , was achtervolgens predikant te Santpoort en te Harlingen, en werd in 1873 hoogleeraar aan het athenaeum illustre te Amsterdam en later aan de hoogeschool te Leiden. Hij schreef: „De dienst der Baalim in Israël, naar...

Lees verder