Wat is de betekenis van onvrede?

2019
2021-10-19
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

onvrede

onvrede - Zelfstandignaamwoord 1. het gevoel ergens niet blij me te zijn en er iets aan willen doen Hij heeft onvrede met de behaalde studieresultaten. Woordherkomst Afgeleid van vrede met het voorvoegsel on-

Lees verder
2018
2021-10-19
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

onvrede

onvrede - zelfstandig naamwoord uitspraak: on-vre-de 1. toestand van kwaad zijn op elkaar ♢ zij leven in onvrede met elkaar 2. toestand waarin je meer verlangt dan wat er is ♢ uit onvrede met de...

Lees verder
1952
2021-10-19
Frysk Wurdboek

Friesch woordenboek

Onvrede

s., ûnfrede.

1950
2021-10-19
Groot woordenboek der Nederlandse taal - 1950

Nederlands woordenboek (7e druk)

Onvrede

m., twist, onenigheid: in onvrede leven: de vrede woonde in huis en de onvree stond er buiten.

1898
2021-10-19
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Onvrede

m. (w. g.) twist, oneenigheid: de vrede woonde in huis en de onvree stond er buiten; ongenoegen, misnoegen : zij at als iemand die zeer boos. en te ontvreden is; — (veroud.) te ontvreden zijn op iem., boos zijn op hem.

Lees verder