Wat is de betekenis van ongetrouwd?

2026-10-11
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Van Dale Uitgevers (1950)

Ongetrouwd

bn., ongehuwd.

2026-10-11
Nederlandstalige WikiWoordenboek

Wiktionary (2019)

ongetrouwd

ongetrouwd - Bijvoeglijk naamwoord 1. niet getrouwd ♢ De...

2026-10-11
Muiswerk Educatief

Muiswerk Educatief (2017)

ongetrouwd

ongetrouwd - bijvoeglijk naamwoord uitspraak: on-ge-trouwd...

2026-10-11
Frysk Wurdboek (Friesch woordenboek)

Fa. A.J. Osinga (1952)

Ongetrouwd

adj., net-troud, frij, ienrinnend; nog — zijn, noch op...

2026-10-11
Modern Woordenboek

Jozef Verschueren (1930)

ongetrouwd

('trouwt) bn. niet gehuwd : blijven.

2026-10-11
Groot woordenboek der Nederlandsche taal

J.H. van Dale (1898)

Ongetrouwd

Ongetrouwd bn. ongehuwd, niet in den echt verbonden : als...

‘ongetrouwd’ komt ook voor in deze premiumwerken

Bekijk het volledige resultaat via het betreffende premiumwerk.