Wat is de betekenis van ongerijmd?

2019
2022-12-04
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

ongerijmd

ongerijmd - Bijvoeglijk naamwoord 1. absurd, onzinnig, in strijd met het gezonde verstand 2. rijmloos, zonder rijm Woordherkomst antoniem van gerijmd met het voorvoegsel on- Antoniemen gerijmd, zinnig Verwante begrippen logica, absurdisme, absurditeit

Lees verder
1973
2022-12-04
Oosthoek Encyclopedie

Nederlandse encyclopedie

ongerijmd

bn. en bw. (-er, -st), met het gezond verstand in strijd: dat is ongerijmd.

1952
2022-12-04
Frysk Wurdboek

Friesch woordenboek

Ongerijmd

adj., tsjinstridich, eigenaerdich, nuver, frjemd, healwiis.

1950
2022-12-04
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Nederlands woordenboek (7e druk - 1950)

Ongerijmd

bn. bw. (-er, -st), met het gezond verstand in strijd: dat is ongerijmd; men kan hem de ongerijmdste leugens wijsmaken; — (zelfst.; wisk.) een bewijs uit het ongerijmde, waardoor men laat zien dat de ontkenning van het gestelde tot een ongerijmdheid leidt.

1937
2022-12-04
Koenen woordenboek 1937

M. J. Koenen's Verklarend handwoordenboek

ongerijmd

1 bn. (met het gezond verstand in strijd, dwaas): dit ongerijmd denkbeeld; deze handeling moet ongerijmd heten; 2 ongerijmde, o.: tot het ongerijmde herleiden; meetk. een bewijs uit het ongerijmde, waardoor men laat zien, dat de ontkenning van het gestelde tot een ongerijmdheid leidt.

Lees verder
1930
2022-12-04
Jozef Verschueren

Modern Woordenboek (1930-1961)

ongerijmd

(ongə'rijmt) bn. en bw. (-er, -st) met het gezond verstand in strijd: een -e mening ; iets vinden ; Meetk. een bewijs uit het -e is een bewijs, waardoor men laat zijn dat de ontkenning van het gestelde tot iets ongerijmds leidt.

1926
2022-12-04
Christelijke encyclopedie

Geschreven onder redactie van theoloog F.W. Grosheide, 1925-1931

Ongerijmd

Ongerijmdheid: In ’t algemeen: wat met het gezond verstand in strijd is, wat geen redelijken zin heeft, ’t Woord komt vier maal voor in de Staten-vertaling: hoewel het Hebreeuwsch hetzelfde is, wijzigt zich de beteekenis eenigszins naar het verband. In Job. 1 : 22, 24 : 12 heeft het den zin van onredelijk, „te weten, wat zou mogen...

Lees verder
1898
2022-12-04
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Ongerijmd

Ongerijmd bn. bw. (-er, -st), met het gezond verstand in strijd : men kan hem de ongerijmdste leugens wijsmaken; — (wisk.) een bewijs uit het ongerijmde, een bewijs waardoor men laat zien, dat de ontkenning van het gestelde tot eene ongerijmdheid leidt.

Lees verder