Wat is de betekenis van Ongemakkelijk?

2019
2021-01-15
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

ongemakkelijk

ongemakkelijk - Bijvoeglijk naamwoord 1. moeilijk, waar veel inspanning en moeite voor nodig is Woordherkomst Afgeleid van gemakkelijk met het voorvoegsel on- Synoniemen moeilijk lastig Antoniemen gemakkelijk simpel

Lees verder
2018
2021-01-15
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

ongemakkelijk

ongemakkelijk - bijvoeglijk naamwoord uitspraak: on-ge-mak-ke-lijk 1. onhandelbaar en lastig ♢ Harry heeft een ongemakkelijk karakter 2. wat onplezierig voelt ♢ ik zat de hele avond op een ongem...

Lees verder
2015
2021-01-15
Typisch Vlaams

Door Ludo Permentier en Rik Schutz

ongemakkelijk

niet op je gemak, geïrriteerd Alain was nauwelijks een paar jaar ouder dan zijn beschermeling. Aanvankelijk bejegende hij Philippe met zoveel egards dat die er ongemakkelijk van werd. (Walter Van den Broeck, Het leven na beklag) Is dit nu een voorbeeld van gekleurde berichtgeving of is dit gewoon een realistisch bericht? Vind...

Lees verder
1973
2021-01-15
Oosthoek Encyclopedie

De Oosthoek is een Nederlandse encyclopedie die in verschillende uitvoeringen is verschenen

ongemakkelijk

bn. en bw. (-er, -st), 1. last gevend: een ongemakkelijke houding; een ongemakkelijke stoel, waarin men niet gemakkelijk zit; bw.: ik zit —, niet comfortabel; 2. moeite opleverend, lastig, moeilijk: een humeur; (van personen) lastig in de omgang, nukkig: een mens; 3. erg, geducht: ik zal hem een — standje geven; bw.: hij kreeg er van...

Lees verder
1950
2021-01-15
Dikke Van Dale

Nederlands woordenboek (7e druk)

Ongemakkelijk

bn. bw. (-er, -st), 1. last gevende: een ongemakkelijke houding; — een ongemakkelijke stoel, waarin men niet gemakkelijk zit; — bw.: ik zit ongemakkelijk, niet met gemak. 2. moeite opleverende, lastig, moeilijk: hij heeft een kregelig en ongemakkelijk humeur; (van pers.) lastig in de omgang, nukkig: een ontevreden, knorrig...

Lees verder
1898
2021-01-15
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Ongemakkelijk

Ongemakkelijk bn. bw. (er, -st), iem. geen gemak, maar wel last gevende : hij zat in eene ongemakkelijke houding; — een ongemakkelijke stoel, waarin men niet gemakkelijk zit; — moeite, bezwaar opleverende, lastig, moeilijk : het is niet ongemakkelijk u daarvan een denkbeeld te geven; hij heeft een kregelig en ongemakkelijk humeur; &md...

Lees verder