Wat is de betekenis van onderhand?

2019
2023-02-07
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

onderhand

onderhand - Bijwoord 1. inmiddels, in die tijd, intussen, ondertussen Veel stamhoofden geloofden Tecumseh niet, zagen niet in dat de blanken ook hún gebieden zouden willen innemen of waren jaloers op zijn populariteit bij jongere krijgers. Daarnaast meenden zij vaak dat 'de blanken' onderhand wel gen...

Lees verder
2018
2023-02-07
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

onderhand

onderhand - bijwoord uitspraak: on-der-hand 1. in die tijd ♢ jij belooft beterschap, maar onderhand maak je dezelfde fout Bijwoord: on-der-hand Synoniemen inmiddels, intussen, ondertussen, onderwijl, tussentijds

Lees verder
1985
2023-02-07
Encyclopedie van Noord Brabant

Anton van Oirschot (1985-1986)

ONDERHAND

intussen, weldra, spoedig; b.v.: we moeten onderhand toch eens gaan zorgen dat er stook in huis komt, want het zal voort zo gaan winteren. Ook: eindelijk: b.v.: 't Is onderhand eens gedaan. Bron: W. Iven.

Lees verder
1973
2023-02-07
Oosthoek Encyclopedie

Nederlandse encyclopedie

onderhand

v./m., onderste deel van de hand.

1950
2023-02-07
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Nederlands woordenboek (7e druk - 1950)

Onderhand

I. v. (-en), benedenste gedeelte van de hand. II. bw., 1. intussen; 2. (Zuidn.) spoedig, aanstonds.

Lees verder
1937
2023-02-07
Koenen woordenboek 1937

M. J. Koenen's Verklarend handwoordenboek

onderhand

bw. (Z.-N. aanstonds).

1898
2023-02-07
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Onderhand

v. (-en), het benedenste gedeelte van de hand.